Café De Keizer - deel 1

Uit Amiepedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
café De Keizer anno 1929

Vroeger was in elk dorp en stad naast de kerk een café. In Amby was zelfs aan beide zijden van de kerk een café. Eén daarvan is café De Keizer, gelegen aan de noordkant van de kerk aan Ambyerstraat Noord 3. Het is een gebouw waarvan de contouren zoals ze waren nu, in 2024, nog altijd zichtbaar zijn, inclusief het woonhuis dat aan het café vast lag met twee identieke erkers en het Heilig Hartbeeld in het midden.

café De Keizer anno 2024: appartementen “Keizerstaete”

Sinds 2010 is dit gebouw na vele jaren geen horecagelegenheid meer. Na een grondige verbouwing zijn er acht sfeervolle en luxe koopappartementen gerealiseerd. Prachtig wonen dus, midden in onze Ambyse dorpskern, in wat nu “Keizerstaete” genoemd wordt. Maar vroeger…


We duiken terug in de tijd en gaan in gesprek met een aantal kasteleins van dit markante café. Helaas was het niet mogelijk om iedereen persoonlijk te spreken en/of nazaten te achterhalen. Dit vanwege het feit dat de eigenaren en uitbaters tussen 1900 en 1959 zeer moeilijk te achterhalen zijn of reeds zijn overleden. Zo is het (nog) niet gelukt om informatie te verkrijgen over de periode dat blijkbaar dhr. Habets de eerste uitbater zou zijn geweest, of van de 1950-er beginjaren toen Giel Lemmelijn er caféhouder was (die later café heeft gehad aan de Severenstraat, aldaar opgevolgd door de fam. Veulemans welke ter plekke de laatste beheerders waren). In deel 1 van dit verhaal vertellen Marjan Hollanders-Crijns en Ingrid Franssen de verhalen van de eerste eigenaren sinds 1959, Wiel en Mia Franssen-Crijns. Daarna worden de belevenissen van hun opvolgers Herbert en Marieke Crijns-Huntjens verteld en vervolgens sluiten we dit artikel af met het verhaal van Ingrid en Henk Magnee-Franssen. We beginnen in 1959! In deel 2 komen Leon en Hilde Gulikers-Vries aan het woord, evenals hun opvolgers Jacky en Diny Hendriks-Peek. Daarna wordt afgesloten met een weergave van de huidige situatie.

Het verleden in het kort

Het pand is rond het jaar 1900 gebouwd en in eerste instantie was Wilhelmus van Aubel, getrouwd met Maria Elisabeth Puts, de uitbater. In die jaren werd dat “de tapper” genoemd. Of de zoon van Wilhelmus van Aubel, met als bijnaam “de Keizer”, zelf ook achter de tap heeft gestaan is onduidelijk. Later, medio jaren 1920, werd het echtpaar Verhagen-Sleijpen uitbater. Een aantal jaren later hadden zij café aan de overkant, tegenover de kerk. Het kan goed zijn dat we enkele uitbaters missen, maar wel is duidelijk dat tussen 1930 en 1935 een zekere Bakermans achter de tap stond en in 1939 was E. Schoenmakers er de verantwoordelijke persoon.

Mia en Wiel Franssen namen De Keizer in 1959 over van de familie Habets-Savelberg, die het café bestierde en later zelfs een frituur ernaast vestigde. Dochter Annie zullen we rond de jaren 1970-1980 ontmoeten in Friture Knubben-Habets (welke in 2024 frituur Snackpoint is, recht tegenover het Lindenplein).


Wiel en Mia Franssen

Wiel & Mia tekstvakje.jpg
Mia aan de tap
Wiel Fransen op jonge leeftijd aan de tap

Mia en Wiel Franssen-Crijns namen in 1959 het café over van dhr. en mevr. Habets-Savelberg. Trees- en Sjèr Goyen-Crijns namen in hetzelfde pand de frituur over, die rechts bij het boogvester was ingericht. Na twee jaar kochten zij echter het pand aan de overkant om de frituur daar voort te zetten als frituur “beej Trees”.


Wiel en Mia huurden het café in eerste instantie van juffrouw Johanna Maessen. Zij was lange tijd huishoudster (“dienstmaagd”) bij dhr. Lambert van Aubel. Deze had haar de panden na zijn overlijden nagelaten. Na verloop van tijd kochten Wiel en Mia het cafépand van juffrouw Maessen. Lambert van Aubel kwam uit een welgestelde Ambyse familie en was eigenaar van meerdere panden/woonhuizen. Hij woonde zelf in Huize Kampveld aan de Severenstraat.


Een mooi verhaal van Ingrid volgt:

“Ik zat verdrietig in het café toen “tant Johanna” de huur kwam innen. Tante Johanna vroeg me waarom ik verdrietig was, waarop ik antwoordde: “Iech wèl 'ne nuije fiets, mèh krijg geine van mien mam”. “Kom mèr mèt miech mèt kind, dan goon veer nao Marcel aan d’n euverkant en krijgs diech van miech 'ne nuije fiets”, zei tante Johanna toen. Bij het naar buiten gaan zat buurjongetje Nico Sour op de stoep. Tante Johanna vroeg aan hem: “Wèls diech ouch 'ne nuije fiets jong?” Nico zei natuurlijk “Jao” en zo gebeurde het dat even later twee gelukkige kinderen met een nieuwe fiets aan de hand bij fietshandel Marcel Sleypen naar buiten liepen. Tante Johanna had een groot hart voor kinderen.”

Bijzondere informatie vertelden enkele oudere dames, die inmiddels in zorgcentrum Hagerpoort wonen: in die tijd fungeerde het frituurgedeelte van Lambert van Aubel blijkbaar als bank en naar het schijnt was er ooit zelfs een groentewinkel gevestigd.


Het café werd een "hotel-café" en Mia en Wiel verhuisden met hun jonge gezin - de dochters Ingrid, Annemie, Tineke en zoon Giovanni - naar een nieuw gebouwd huis aan de Ambyerstraat Zuid. In de bovenwoning van het café werden de hotelkamers gemaakt. De oude frituur werd een eetzaal. Vaste hotelgasten waren o.a. een groep mannen die vanuit Italië hier in de steenkolenmijnen kwamen werken. Er zijn er zelfs enkelen in Amby blijven wonen, omdat ze een “Amies meidsje” huwden.

team van biljartclub De Keizer


In hotel-café De Keizer was het altijd druk, mede ook door de aanwezigheid van de feestzaal. In deze zaal zijn heel wat bruiloften en andere feesten groots gevierd. Daarnaast waren er ook de nodige koffietafels na een uitvaart. Hard werken dus. Mia en Wiel kregen hierbij hulp van veelal mensen uit ’t ‘dörp, die bij hun in dienst waren. Het bijhorende woonhuis naast het café (het huis met de twee erkers) was ook eigendom van juffrouw Johanna Maessen. In dit huis woonde Nètteke en Jean Sour met hun gezin. Ze hadden naast het huis een varkens- en kippenstal en deden zelf de slacht. Het kleine stukje Cramer van Brienenstraat is vanwege de geur van de varkensstal bij echte Ambynezen niet voor niets bekend als: “ ’t Verkesgetske”. De familie Sour verhuisde na een aantal jaren naar een mooi woonhuis recht tegenover de kerk en Mia en Wiel verhuisden terug naar het pand naast het hotel-café. Beiden kregen deze huizen te koop aangeboden van juffrouw Johanna Maessen. Zodoende werden Mia en Wiel dus eigenaar van het hele blok naast de kerk en de daarbij behorende grond. Nadat ze een tijdje in het huis gewoond hadden bouwden ze samen met dochter Ingrid en toekomstige schoonzoon Henk twee-onder-één-kap woningen op de plek waar de oude stallen hadden gestaan. En zo verhuisde het kasteleinsechtpaar en een jong gehuwd stel naar twee nieuwe woningen in “ ’t Verkesgetske”.

Aan dit buffet zijn heel wat nieuwe zaken ontstaan, w.o. het idee van De Boekemennekes


Na bijna 20 jaar werd het voor Wiel en Mia in 1978 tijd om te stoppen. Het café, met inmiddels een rijk verenigingsleven, bleef echter in de familie. Nieuw kasteleins-echtpaar werd Herbert en Marieke Crijns-Huntjens. Herbert is de zoon van Mia’s broer Frans. Wiel en Mia zagen in Herbert een waardige opvolger en hebben hem benaderd om het hotel-café over te nemen. Wiel Franssen is gestorven op 14 oktober 2004.







Herbert en Marieke Crijns-Huntjens

Herbert & Marieke tekstvakje.jpg
Herbert en Marieke aan het eigen buffet


Herbert en Marieke startten op carnavalsvrijdag 3 februari 1978. “Mètein aan de geng dus”, zei Herbert tijdens het interview. Zij huurden het café van Wiel en Mia. Met hun kinderen Roy en Nicole verhuisden ze vanuit hun woning aan de Van Slijpestraat naar de bovenwoning van het hotel-café. Ze namen het geheel over zoals het was.

Jan Cuenen en Leo Crijns
Het café kende ook rond 1980 een jonge garde vaste bezoekers

In hun beginjaren hadden ook zij nog hotelgasten. Herbert had een parttime baan als onderhoudsmonteur bij woningbouwvereniging Maasvallei. Hij werkte er drie dagen per week. Marieke opende doordeweeks de deuren van het café.


In die tijd kwamen er overdag in de cafés nog veel bezoekers: gezellig samen komen voor een praatje aan het buffet of om een potje te kaarten. Er waren veel vaste gasten. Om er maar enkele - min of meer bekende oud-Ambynezen - te noemen: Pie Claessens, Charles Huben, Dré Debie. Sjèfke Sterk, Pierre en Sjeng Swelzen. Zo kon Herbert tijdens het interview nog heel wat meer namen oplepelen. Maar zeker ook Herberts familieleden waren vaste gasten. Herbert had maar liefst zes zussen en zeven broers die allen in Amby woonden. De drukste uren waren de avond- en weekenduren.


Pie Claessen, een van de vaste klanten
Herbert doet zijn best tijdens de indoor-wieleravond

Het verenigingsleven in hun café nam in die tijd toe. Harmonie St. Walburga, de Judovereniging Amby, het Kerkelijk Zangkoor Sint Caecilia (het mannenkoor) en de Edelweisskapel gebruikten wekelijks de zaal. Het café had een eigen spaar- en biljartclub en was vast verzamelpunt voor voetbalclub RKASV. In de weekenden waren er ook in de tijd van Herbert en Marieke vaak bruiloften of andere feesten, altijd met koud buffet van Huub (Sjupke) Aerts. De zaal werd ook toen nog vaak gebruikt voor koffietafels na een uitvaart. De zaal was “druk bezet” zoals Herbert het zelf benoemde. Zeer gezellig en druk bezocht was de indoor-wieler-vierdaagse, die enkele malen werd georganiseerd. Menig “Ambyse bobo” heeft hier een druppeltje zweet gelaten.


Een lachwekkende, maatschappelijke ongehoorzaamheid wil Herbert ook nog delen. Vanuit De Keizer werd jarenlang op carnavalsdinsdagavond door een aantal jonge gasten, met als aanstichter heel vaak Jan Crijns, de bok van CV De Sjlaaibök , die op het Severenplein hing, “gestolen” om hem vlak voordat hij door het prinsenpaar moest worden afgehaald weer terug te hangen. Flauwe humor natuurlijk, maar volgens Herbert was het grote lol aan het buffet. Niet iedereen in Amby kon dit grapje waarderen, dus toen de lol er eenmaal weer vanaf was zijn ze er mee gestopt.

Feest in de zaal met Edelweiss

Herbert vertelde dat de zomer- en winterkermissen de mooiste herinneringen bij hem oproepen. Café en zaal waren drie dagen lang tot de nok toe gevuld. “Maar wat wil je ook: er was altijd een live orkest dat speelde en dat trok mensen. The Williams, the Old Timers, DoReMi en Lenie Menten hebben heel wat kermisuurtjes voor muziek gezorgd”.

Orkest “The Old Timers”


In de zomer van 1986 overlijdt Marieke helaas plotseling op veel te jonge leeftijd. Herbert kan met hulp van familie en vrienden het café nog enkele maanden open houden. Hij besluit om zijn tweede termijn van vijf jaar niet vol te maken en draagt per 1 januari 1987 het café over aan Henk en Ingrid Magnee-Franssen. Ingrid is de oudste dochter van Mia en Wiel Franssen. Zij nemen het laatste jaar van het huurcontract van Herbert over en draaien het café dat jaar nog in de staat zoals het was.

Henk en Ingrid Magnee-Franssen

Henk & Ingrid tekstvakje.jpg
Advertentie Henk & Ingrid
Een nostalgische prijslijst…


Tijdens het interview kwam Ingrid niet uitverteld. Als kind groeide ze op in het hotel-café van haar ouders, Mia en Wiel. Met haar ex-man Henk Magnee (overleden op 29 april 2016) vormde zij elf jaar lang het kasteleinsechtpaar. Al die tijd huurde zij “de kaffee” van hun (schoon-)ouders.

Gezellig nieuw, bruin interieur

In 1988 werd het café en de bovenwoning grondig verbouwd. De oude frituur werd een tweede biljartzaal. Toen de verbouwing klaar was verruilden zij samen met hun kinderen Dennis en Ralf hun woning in “ ’t Verkesgetske” voor de prachtig verbouwde bovenwoning. Het café wordt omgedoopt tot Kreatief Kaffee de Keizer. Met zoveel verenigingen van diverse signatuur was deze naam wel een toepasselijke keuze.

Uitnodigingskaart t.g.v. het 5-jarig caféjubileum van Henk en Ingrid
Biertje, getapt uit de voormalige tapkraan van café Crijns – De Witte Hoek


Een mooie, vermeldenswaardige anekdote die Ingrid vertelde gaat over de tapkraan van het nieuwe buffet. Tijdens de voorbereiding van de grondige verbouwing kreeg zij een tapkraan cadeau van haar oom John Cap. Hij was gehuwd met Net Cap-Crijns, een zus van Ingrids moeder Mia. Dit was niet zomaar een tapkraan. Dit was de tapkraan van het oude buffet van café Crijns aan de andere kant van de kerk. “Noonk John, een verzamelaar van antiek, had deze tijdens de sloop van het oude cafépand meegenomen”. Deze tapkraan is toen verwerkt in het nieuwe buffet van Ingrid en Henk. Zij hebben dus altijd getapt uit een prachtige antieke tapkraan van Ingrids oma en opa Maria en Harie Crijns-Ramaekers en waarmee tevens ook tante en oom Lenie en Jean Meessen-Crijns mee gewerkt hebben in hún café (nu café de Kardinaal).

Can Candansers van de Moulin Rouge, carnaval 1994


Een leuke tijd voor Ingrid was de carnavalsperiode. Het café werd altijd mooi versierd, vaak met een thema. De mooiste herinnering heeft Ingrid aan het carnaval van 1994. In dat jaar werd het café omgedoopt tot de “Moulin Rouge”. Jo Bremen, van Soons zonwering, beloofde bij de voorbereidingen dat hij zou zorgen voor een rode overkapping bij de ingang. Die carnaval werd de rode loper uitgelegd en trok een groep vaste mannelijke stamgasten mee in de Amiese optocht, uitgedost als cancangroep. Zo werd 1994 het jaar van de Can Can in Kreatief Kaffee de Keizer. Dit was tevens het jaar dat Jo Bremen en zijn vrouw Gera prinsenpaar in Amby waren.

Rozenverkopers en stamgasten

De meest gekke carnavalsherinnering is het verhaal van de drie rozenverkopers die tijdens een carnavalsavond de Amiese kaffees bezochten. Overal werden ze toegelaten en werden er rozen verkocht. Henk was echter stellig en heeft deze verkopers bij binnenkomst gelijk de deur gewezen, niet wetende dat hij gewoon te doen had met drie Amiese inwoners: Marcel Nobbe, Guus Meijer en Willy Wijntjens die een te gekke act uitvoerden. Misschien ligt hier wel de oorsprong van het huidige “Sjlaaimettetreffe” op carnavalszondag in Amby?


De zaal was ook nu nog altijd druk bezet; inmiddels werden er ook communiefeesten gehouden. Het was de tijd dat deze feesten grootser werden uitgepakt en niet meer thuis werden gevierd. Het verenigingsleven bleef tevens veelal gelijk. Maandagavond was altijd topdrukte in het café. Door een aantal dames en Twan Linkens werd een kaartclub opgericht, genaamd “de Jokers”. Iedere maandagavond kwamen de dames bij elkaar om samen een potje te kaarten, vaak tot in de late uurtjes.


Tijdens de zomermaanden was er aan de kerkzijde een terras, waar veel gebruik van werd gemaakt. Tijdens kermissen was het in De Keizer behoorlijk druk in deze periode. Er waren ook bier- en wijnfeesten - en ook vermeldenswaardig: het eerste Torenfeest t.b.v. het Torenfonds ter restauratie van de H. Walburgakerk werd er georganiseerd. Het was de voorganger van de jaarlijkse zomerbraderie. Een ander opmerkelijk feit was “de geboorte” aan het buffet van het bekende stemmingsorkest de Hub’n Bub’n‘.

Vaste klanten Pie Frijns en Jeanke Paquay
Familie op cafébezoek; gezelligheid alom…
Ook collega-kastelein Nico Bergholtz - de Knaus - behoorde tot de vaste gasten



Ingrid vult lachend het lijstje vaste stamgasten aan. Naast de oude bekende gezichten van café De Keizer noemt ze namen zoals Fred Rzadki, Sjèr Geraerds, Jeanke Plumeeckers, Twan Linkens, Jeanke Paquay, Pie Frijns en Frans Kortenray. Allemaal leuke gasten. Ingrid heeft mooie herinneringen aan haar leven als kasteleinsvrouw, ondanks dat deze baan een behoorlijke impact had op hun privé-/gezinsleven.

Na bijna 12 jaar besluiten Henk en Ingrid te stoppen en dragen zij het café vanaf 1 januari 1998 over aan Leon en Hilde Gulikers-Vries.

Ingrid aan de tap tijdens het eerste feest van het Torenfonds - let op haar "hoedje"...