De Stenen Bronnen

Uit Amiepedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De Zeven Bronnen, Lovendaalhoeve 30.

Bij het woonzorgcentrum De Zeven Bronnen aan de Lovendaalhoeve staat voor de hoofdingang een steensculptuur van drie en een halve meter hoog. De beeldhouwer heeft het kunstwerk de naam “Stenen Bronnen” gegeven en verwijst daarmee naar ondergrondse waterbronnen die in een ver verleden in Amby en omgeving aanwezig waren.

De Zeven Bronnen en haar naam

Als je vanwege ziekte of ouderdom niet meer thuis kunt wonen, kun je tijdelijk of blijvend verhuizen naar een woonzorgcentrum van Envida. In Maastricht en het Heuvelland heeft Envida meerdere woonzorgcentra; De Zeven Bronnen aan de Lovendaalhoeve in Amby is er daar één van. Het terrein waar de verpleegkliniek staat maakt onderdeel uit van een veel groter gebied dat in het verleden erg drassig was aangezien er op meerdere plaatsen opwellend water was; er waren bronnen. Hoeveel bronnen? Het kunnen er zeven zijn geweest[1], maar enkele meer of minder is ook goed mogelijk. Het woonzorgcentrum dankt haar naam aan de vroegere aanwezigheid van deze waterbronnen in Amby. De bronnen zijn momenteel niet meer werkzaam; ze zijn opgedroogd.

De Stenen Bronnen

Op maandag, 23 januari 1989, onthulde de heer P. Neus, wethouder van Verkeer, Onderwijs en Grondzaken van de gemeente Maastricht om 16.00 uur tijdens een feestelijke bijeenkomst de steensculptuur die voor de ingang van De Zeven Bronnen staat.
Dokter Dré Knols was de eerste directeur van De Zeven Bronnen en opende in een vol bezette recreatiezaal de feestelijke bijeenkomst waar, naast het personeel en bewoners, onder andere bestuur en directie van het Burgerlijk Armbestuur[2], het Cultureel Personeel[3], buurtvereniging “’t Kapelke” en Woningvereniging Maasvallei aanwezig waren. De onthulling van de steensculptuur vond plaats, exact drie jaar nadat de eerste paal voor De Zeven Bronnen op de hoek van de Severenstraat en de Heukelstraat in de grond werd geslagen[4]. Het kunstwerk staat op een kleine heuvel voor de hoofdingang van het gebouw. De heuvel doet denken aan het heuvelachtige Limburgs landschap. Het kunstwerk kreeg de naam ”Stenen Bronnen” en is vervaardigd door de Arnhemse beeldhouwer Jerome Symons.

Onthulling steensculptuur 23 januari 1989. Op de achtergrond de Heukelstraat, met duidelijk zichtbaar de witte woningen met huisnummers 39, 40, 41 en links daarvan de "Acht Zaligheden".
Steensculptuur anno 2023. Na de onthulling in 1989 is de achtergrond ingrijpend veranderd.














Stenen Bronnen, discus 01.jpg
Beeldhouwer Jerome Symons, Arnhem december 1988.

Het kunstwerk bestaat uit drie delen: een drie en een halve meter hoge opgaande “fontein met discus” en twee daarnaast liggende discussen van 1,5 meter doorsnee. Het “fontein met discus” is eveneens uit drie afzonderlijke delen opgebouwd. Beeldhouwer Jerome Symons omschrijft het kunstwerk als volgt: "Alsof het uit een stripverhaal is gehaald geeft het sculptuur een discus weer die met behulp van een bron uit de bodem omhoog komt, als een fontein, en daarna vlak daarnaast op de grond terecht komt. Het kunstwerk straalt beweging en verandering uit en het symboliseert geluk, wijsheid en kracht". Het kunstwerk is op een centraal punt geplaatst zodat het niet alleen vanaf de straat maar ook van binnenuit het gebouw goed te zien is.
De sculptuur is door de beeldhouwer in 1988 in Arnhem gehouwen. Hij koos voor Belgische hardsteen (Noir de Denée) omdat die steen zoals hij het zelf aangeeft "zowat uit Maastricht zelf komt; in feite is ze afkomstig uit het gebied even onder Luik, uit de steengroeve van Sprimont". De beeldhouwer die als kind vaak bij zijn grootouders in Maastricht logeerde gaf aan "...dat ik het heel fijn vond en nog vind dat ik iets aan de stad van mijn grootouders mocht bijdragen".

De kunstenaar aan het woord

Tijdens de feestelijke opening op 23 januari 1989 gaf de kunstenaar onderstaande toelichting op zijn kunstwerk.
In zijn atelier kan een beeldhouwer maken wat hij wil zolang hij het zelf maar spannend en mooi vindt. Maar als hij in opdracht werkt, moet hij rekening houden met allerlei voorwaarden die met zijn “eigen werk” misschien weinig te maken hebben, maar wel belangrijk zijn voor de speciale plek waarvoor het beeld wordt gemaakt. Zo waren er bepaalde voorwaarden toen de Stichting Burgerlijk Armbestuur mij in december 1987 vroeg om een beeld te ontwerpen voor de nieuwe verpleegkliniek “De Zeven Bronnen” in Amby. Het werk moest een signaalfunctie hebben, het moest passen bij de architectuur van het gebouw en de aanleg van de tuin, het moest van alle kanten het aanzien waard zijn, met name ook vanuit de ontmoetingsruimte binnen het gebouw. Het moest de patiënten en bezoekers aanspreken en tenslotte moest het iets tot uitdrukking brengen van het begrip “bronnen”. Vanuit het Praktijkbureau Beeldende Kunstopdrachten van het ministerie van WVC, dat ook bij de opdracht betrokken was, werd bovendien als voorwaarde gesteld dat het werk op artistiek niveau een vernieuwend karakter diende te hebben. En voor mezelf legde ik bovenop dat alles nog eens de voorwaarde dat ik ook in dit werk mijn eigen beelden verder zou ontwikkelen. Want anders wordt het zo saai.
In mijn beelden probeer ik een ongeziene kracht te voorschijn te halen die zich in het materiaal en achter de vormen verscholen houdt. Een kracht die volgens mij diep in elke mens maar ook overal in de ruimte zit, namelijk de voortdurende wil om te veranderen. Het begrip “bronnen” sprak mij dan ook aan omdat een bron ontspringt, uitvloeit, verdampt, neerslaat en dan weer opnieuw ontspringt enz. Het is een en al beweging en verandering.
Na een voorlopig schetsontwerp en een definitief schetsontwerp kreeg ik in mei 1988 tenslotte de opdracht. Het zou een stenen beeld worden in drie elementen, enigszins verspreid over het voorterrein. Het grootste element zou een stapeling van 3 stenen zijn, zo'n 3,5 m hoog; de andere twee zouden dicht bij de grond blijven. De vormen zouden bestaan uit 3 stenen discussen, met een doorsnee van 1,5 m, die aan de aarde ontspringen, opvliegen en weer neervallen: stenen bronnen. Op het hoogste punt van hun baan staan de discussen heel even stil en juist dát moment wilde ik in beeld hebben.
Als materiaal koos ik Belgische hardsteen vanwege zijn levendige aard (want hardsteen is in feite een compacte massa fossiele zee-organismen) en omdat de kleur goed bij het gebouw past. Bovendien komt hardsteen zowat uit Maastricht, even onder Luik, dus als er in Amby steen uit de grond springt moet dat haast wel hardsteen zijn. Het is trouwens een eigenaardige ervaring om in hardsteen te werken. Als je de steen openhakt komt er een carbidgas vrij en ruik je de rottingslucht van al die zeewezentjes van 360 miljoen jaar geleden! De ronde vormen moesten uit rechthoekige blokken worden gemaakt dus er was betrekkelijk veel materiaalverlies. Van de 17 ton steen waarmee ik begon moest zowat de helft worden afgehakt. Zwaar werk, dat al met al veel langer duurde dan ik had gedacht. Maar gelukkig was het beeld nog voor Kerstmis klaar, zodat het hele proces precies een jaar had geduurd. De plaatsing op 22 december 1988 was een spannende operatie. Alles moest precies op en in elkaar passen en het moest in één keer goed gaan. Helemaal spannend was, dat ik pas op dát moment het beeld “in het echt” kon zien. Namelijk in de omgeving waar al die voorwaarden aan vast zaten. Zou het goed staan? Zou het werken? Wie goed kijkt mag het antwoord geven.

Percentageregeling beeldende kunst

Voor het bouwen van een nieuw verpleeghuis in Amby waren diverse goedkeuringen en vergunningen nodig. Onder andere het betreffende Ministerie dat de gezondheidszorg onder haar hoede had gaf goedkeuring maar stelde daarbij tevens dat in het kader van de “percentageregeling beeldende kunst” een bepaald gedeelte van het bedrag dat aan het gebouw zou worden besteed aan een kunstwerk moest worden uitgegeven. Tijdens de bouw was er zodoende dus een veiliggesteld bedrag beschikbaar voor een kunstwerk en uit die financiële middelen kon de steensculptuur worden betaald. Er bleef zelfs nog wat geld over waarmee een kunstwerk van een geheel andere orde kon worden gefinancierd, te weten een wanddecoratie in het gebouw van De Zeven Bronnen.