Frituur Trees en Ger (Sjèr) Goyen-Crijns

Uit Amiepedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De bekende frituur aan Dorpsstraat 24 (Ambyerstraat-Noord)

Waar koop je patat mét, een broodje kroket en een frikandel speciaal? Het hangt ervan af waar je woont. In Vlaanderen en Limburg ga je naar een frituur. Men vermoedt dat de oudste frituur van België in Antwerpen stond: in 1842 bevond die zich aan het Steen en later verhuisde ze naar de Groenplaats. Ook Amby is sinds jaar en dag bekend men de ‘heerlijkheid frituur’ als een geliefde eet- en ontmoetingsplek voor jong en oud. Meerdere ondernemers hebben in de loop der jaren in Amby hun friet verkocht. Er is er echter zeker één, waar heel veel (oud-)inwoners van hun ‘tuut friet’, gehaktbal etc. hebben genoten: Frituur Trees en Ger (Sjèr) Goyen-Crijns.

In onderstaand artikel laten we Gonny, dochter van Trees en Sjèr Goyen-Crijns, uitgebreid aan het woord. Ze vertelt uitgebreid en met passie over het wel en wee, het lief en leed, dat haar ouders ten deel vielen in hun frituur aan de Dorpsstraat (Ambyerstraat-Noord).


De beginjaren

Bewijs van inschrijving in het Bedrijfschap Horeca, 1964

Ger Goyen (Sjèr) en Trees Crijns begonnen in 1959 hun frituur aan de Dorpsstraat 3 (nu Ambyerstraat-Noord 3). Het pand was opgesplitst in een frituur- en cafégedeelte. Zus Mia en haar man Wiel Franssen namen het cafégedeelte voor hun rekening. Dit werd het bekende café De Keyzer, dat tot ongeveer 2015 werd uitgebaat door - zoals genoemd - Wiel en Mia Franssen, daarna Herbert en Marieke Crijns, vervolgens door Ingrid (dochter van Wiel en Mia) en Henk Magnée, aansluitend Leon en Hilde Gulikers en tot slot Jacky en Dien Hendriks.

Horecapand De Keijzer aan Dorpsstraat 3
Dorpsstraat 3, waar met de frituur werd gestart, met de entree rechts naast het café

In dit pand verdienen Trees en Sjèr hun nering tot 1962. Toen kochten ze het pand Dorpsstraat 24 aan de overkant, het voormalig postkantoor (nu Ambyerstraat-Noord 24; hiervan zijn enkele foto's te zien in ons artikel Brand in de Jordaan van Amby). Dit is nu nog steeds bekend als “‘t Amies Frietsje”. De frituur aan Dorpsstraat 3 was in feite maar een ´piepeläöjke´ zoals Gon het weergeeft in haar herinnering. Zelf woonden ze tot dat moment in de Van Slijpestraat 22, in het huis waar later de familie Geraedts kwam wonen.

Ondernemersfamilie Crijns

Amby was nog een dorp en de bekende familie Crijns was een echte middenstandsfamilie, o.a. met twee zussen van Trees in de horeca. Lenie, de jongere zus, bezat samen met haar vader Harrie café Crijns (nu Café de Kardinaal) en Mien (de oudste) was samen met haar man eigenaar van cafetaria Birix. Deze eetgelegenheid lag enkele huizen verder. Daarnaast had broer Jan, ook samen met zijn vader Harrie, een bedrijf in gebruikte bouwmaterialen c.q. een sloopbedrijf, dat tot op de dag van vandaag nog bestaat en in de Beatrixhaven ligt. Voorheen lag het ‘lager’ van hun bedrijf bij het oude café Crijns en later aan de Molenweg tegenover de huidige Paardenkliniek, dicht bij de buurt waar de ontwikkeling van het Ambyerveld plaats vindt.

Het pand

Het verbouwde pand in 1962

Sjèr, geboren in 1927, was bouwvakker van beroep en zou dit tot ongeveer zijn 50ste jaar blijven uitoefenen. Hij heeft eigenhandig het hele gebouw onder handen genomen en het dusdanig verbouwd, zodat zijn vrouw Trees dit als frituur kon uitbaten. Daarnaast hadden Trees en Sjèr een grote diepe tuin. Door de aanleg van de Peppelhoven in de jaren 70 werd deze een stuk ingekort, maar er was nog voldoende ruimte over.

De indeling was eenvoudig: het voorste gedeelte van het pand werd frituur en erachter, direct met de frituur verbonden, was de huiskamer. Het was dan ook meer regel dan uitzondering dat de klanten op zondagavond naar de huiskamer doorliepen en daar wachtten op hun bestelling (of hun frites daar opaten). Sjèr vond dat geen probleem. Samen werd er dan naar de sport op tv gekeken. De kinderen moesten dan maar schuiven en konden hun favoriete programma’s helaas op hun buik schrijven. Toch hadden de kinderen allemaal een eigen slaapkamer boven en was de overloop best groot. Ook was er een grote zolder en een grote kelder, waar tonnen aan aardappels lagen, die gebracht werden door een boer. De aardappelen werden zelf met de schrapmachine geschild en gepit.

Vele handen maken licht werk

Eerst was de frituur alleen geopend in de weekenden en naderhand de hele week. Maar toen de jaren voor Trees begonnen te tellen, werd op maandag en dinsdag weer gesloten. Zodra er echter iets in ons dorp te vieren was - zoals een kermis, carnaval of evenement - dan was de frituur op die dagen toch open. Gon vertelt trots dat ze zelf 20 jaar heeft meegedraaid in de frituur, al vanaf haar 14e jaar. Eerst hielp ze met de voorbereidende handelingen zoals het schillen van de aardappelen, maar naderhand in de frituur zelf. Hulp was er in de beginjaren veel. Zo waren Domenico Pinna, Els Geraedts, Elly Coenen en Herbert Crijns de vaste hulpkrachten, de een wat meer dan de andere. “Broer, Frank, hielp ook wel eens mee, maar als Trees dan riep om de frites uit te gooien – dit betekent de frites uitgooien op de bak, waarna ze worden voorgebakken – dan kwam Frank. Maar hierna moest hij wel een schoon hemd aan! Gebeurde dit bijvoorbeeld vier á vijf maal per avond, dat waren dan dus ook vier á vijf schone hemden!”

Neef Herbert Crijns helpt Trees
Neef Herbert helpt Sjèr


Herbert was vanaf 1962 tot aan zijn 18e jaar (zie foto) elk weekend te vinden bij zijn tante Trees en noonk Sjèr. Naderhand kwam daar Domenico Pinna bij, die de frituur samen met Gon draaiende hield als Gons ouders eens een paar dagen weg waren. Elly Coenen, die naast haar werkzaamheden in de frituur ook kindermeisje was voor Gon en haar broers, was tevens een vaste hulpkracht. En daarnaast natuurlijk haar goede vriendin Els Geraedts, vrouw van Ger ‘de Kooj’ Geraedts. Iedereen kende elkaar en hielp elkaar. De frituur was gewoon een ‘zoete inval’. Was het heel druk, dan sprongen bovengenoemde personen gewoon bij. In de beginjaren werden alleen frites, een zure bom, een haring, een knakworst en kroketten (die Trees trouwens zelf maakte) verkocht. Later kwam Bremers - voorloper van de Mora - kroketten, frikandellen en gehaktballen brengen. “Sjèr vond deze nieuwe snacks maar flauwekul, maar Trees zei dat ze maar met hun tijd moesten meegaan. Zelf maakte ze trouwens koude schotels en zuurvlees die tot in de wijde omtrek zeer bekend en in trek was”.

Horecaprins Sjèr

Kolderiek

Het zal niemand bevreemden, maar er gebeurde natuurlijk van alles. Teveel om allemaal op te noemen. Leuke anekdotes zijn dat sommige klanten hun frites zelf wilden bakken en Trees liet dit gewoon gebeuren. Zo kwam bakker Steijns (“’t bekkerke Sjteijns” zoals Gon zegt) wekelijks drie maal naar Trees, niet alleen om brood brengen maar ook om zelf frites te bakken. Een andere bakker was van het zelfde laken een pak: Nico Willems, een nabije buurman die zijn bakkerij een paar deuren verder had, maakte zijn frites het liefst zelf. En waren er eens frites die veel te lang hadden ingelegen en niet meer verkocht konden worden, dan werden deze iets verderop in de straat naar Math Jalhay gebracht want die liet zich daar voor ‘hangen’.


Ook waren er klanten zoals Theo Nelissen, die lekker naast Sjèr in de huiskamer op de bank in slaap vielen. “Och”, zegt Gon, “dan lieten mijn ouders dit maar gebeuren”. Zoals gezegd, alles mocht en kon bij Sjèr en Trees. Zo woonde er ook een tijdlang een zus van Trees, Tiny met haar man Ger Meessen, bij hen in huis, totdat hun woning aan de Gouverneur Houbenstraat klaar was.

’n Lekker tuut friet voor de jeugd

Een goed hart

Gon : “En Trees gaf bij wijze van spreken haar kont nog weg”. Zo kwamen er in de frituur regelmatig kinderen van Huize Severen - van 1912 tot 1986 een internaat en voogdijgesticht voor verlaten/verwaarloosde kinderen, gelegen aan de Severenstraat. Zij kwamen er regelmatig een frietje halen. Maar als er dan bijvoorbeeld vier kinderen binnen waren en er was maar geld voor één portie, dan kregen de andere drie ook een lekkere zak frites met een kwak mayonaise.

De buren

Naast de frituur woonde Nic Swelssen en aan de andere kant had Linkens een meubelzaak. In delen van dit pand woonden tot 1964 verschillende families waaronder oom Jef Goyen. Gon: “Tegenwoordig spreekt men van appartementen, maar het waren gewoon woonhuizen achter mekaar gebouwd en onderverdeeld in kamers. Dat was schering en inslag in die tijd in Amby”. In 1964 betrok Twan Linkens er met zijn meubelzaak en werd dit pand grondig verbouwd. Gon: ”Zó grondig, dat het gebouw in elkaar stortte. Een bouwvakker werd onder het puin bedolven, maar werd hier gelukkig levend onder vandaan gehaald.” Twan Linkens kwam van de Van Slijpestraat, waar hij een winkel had in o.a. textiel, ondergoed en carnavalsartikelen. Zijn bijnaam in Amby werd al snel ‘Lappe Twan’.

Duivenmelker Sjèr

Sjèr was een fervent duivenmelker en had de ‘doevesjlaag’ achter in de tuin. Ook zijn buurman Nic Swelssen was een fanatieke duivenmelker, evenals de familie Wintjens een stukje verderop (daar ligt nu het wooncomplex de Witte Boerderij). Op zondagmorgen, als de duiven van hun vlucht terug keerden, liepen de ‘doevemèlkersj’ dan ook zenuwachtig op en neer, ongeduldig starend naar de lucht en zich afvragend waar hun duiven toch bleven. Naderhand werd dan een pilsje gedronken in het duivenlokaal café ‘D’n Hans’ van Jean en Wies Goyen - Hansen, inderdaad ook een broer van Gonny's vader. Zij werden in 1968 het eerste beheerdersechtpaar van gemeenschapshuis de Amyerhoof.

Hulp van zus José (Sjé) Crijns

‘Belsj of Hollender’

Een andere leuke anekdote is dat Sjèr de Belgische nationaliteit bezat. Zijn vader kwam namelijk vanuit België naar Amby. De hele familie Goyen had (heeft), de Belgische nationaliteit. Ook Trees kreeg na haar huwelijk de Belgische nationaliteit, maar heeft later weer de Nederlandse aangenomen. Leuke bijkomstigheid was, dat Trees en Sjèr bij hun 50-jarig huwelijksfeest een oorkonde ontvingen van de Belgische koningin! Gon vertelt: “Wij, de kinderen, hebben naar mijn weten nog steeds de Nederlands nationaliteit, maar willen wij switchen naar de Belgische, dan kan dat zonder problemen. Ook hun kinderen kunnen dat nog, maar dan houdt het op. Dit alles is zo geregistreerd op het Belgisch consulaat.”

Ambysche verenigingen

Trees en Sjèr droegen de verenigingen in Amby een warm hart toe. Zo organiseerde voetbalclub RKASV een eigen Preuvenemint op het oude voetbalterrein aan D’n Heukel. Dat zal in 1982 zijn geweest, want Gon denkt zich te herinneren dat dat toen ook voor de 1e maal werd georganiseerd op het Vrijthof in Maastricht. De opbrengst kwam ten goede voor het 50-jarig jubileum van RKASV in 1983. Ook Trees had daar een ‘stand’. Vanuit een kleedlokaal werden frites en snacks aangeboden. Sjèr heeft toen de hele dag met zijn auto frites en frikandellen aangeleverd, want het “Amies Preuvenemint” verliep zeer goed.

Ook werden er bij de voetbalclub mosselavonden georganiseerd en werden de mosselen mede door Trees klaargemaakt. Sowieso waren RKASV en ook Harmonie St. Walburga verenigingen die Trees na aan het hart lagen. Haar drie zonen Arno en Willy (beiden zaliger) en Frank waren allemaal lid van Harmonie St. Walburga. Beide verenigingen konden dan ook elk jaar op een mooie donatie rekenen!

Afscheid en verhuizen

Folder bij het afscheid

Precies 30 jaar hebben Trees en Sjèr de frituur gehad, van 1959 tot 23 december 1989. Tijdens de laatste dag dat de zaak open was kwamen vele (oud-)klanten afscheid nemen. Voor iedere klant had Trees een aandenken, namelijk een mooie hyacint. Na hun werkzame leven gingen Trees en Sjèr in de flat aan het Severenpark wonen. Ook daar was het nog dagelijks een komen en gaan van mensen. Voor iedereen stond de deur wagenwijd open. Sjèr heeft nog heel lang het Severenpark mede onderhouden en vooral het Mariagrotje werd altijd mooi verzorgd (zie artikel Lourdesgrot in het Severenpark op Amiepedia). Trees stierf in 2009 en Sjèr twee jaar later. Ze laten voor veel mensen mooie Ambysche momenten achter. Veel Ambynezen bewaren dan ook een heerlijke herinnering aan het echtpaar Trees en Sjèr Goyen-Crijns en hun frituur, waar iedereen altijd welkom was.

Overname Leon en Marjo Muijs-Pieters

In 1989 werd de frituur overgenomen door het echtpaar Leon en Marjo Muijs-Pieters. Tot op de dag van vandaag kun je hier nog altijd terecht voor een lekker frietje. Het bord “te koop” hangt echter al een tijdje aan het raam. Blijft het hierna een frituur, wordt het een andere zaak, of wordt het verbouwd tot een woonhuis? De tijd zal het leren…