Hof van Huntjens, deel 3

Uit Amiepedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Dit derde deel over de Hof van Huntjens beschrijft het wel en wee van de familie Huntjens. Deze familie heeft de hoeve bewoond vanaf 1930 tot aan de verkoop in 2005 en heeft uiteindelijk haar familienaam verbonden aan deze hoeve.

Neunkske

Nadat in 1938 de echtgenoot van Maria kwam te overlijden stond zij voor een zware opgave. Daar de kinderen nog te jong waren om te helpen bij het zware boerenwerk, werd er hulp ingeroepen uit Berg en Terblijt. Maria had in Terblijt nog een ongetrouwde broer, Pierre genaamd. Deze is naar de boerderij in Amby verhuisd en heeft tot aan zijn dood in 1976 de boerderij mee helpen opbouwen en verder bestieren. Deze broer wordt door Ben nog steeds aangeduid als “Neunkske”. Doordat Neunkske introk, moesten de zes kinderen noodgedwongen allemaal op één kamer slapen. “Dat was best een grote kamer”, zegt Ben. “Maar toen we wat ouder werden moesten wij, de jongens, echt wel een eigen kamer hebben en met wat breek- en sloopwerk hebben we boven een extra kamer in de grotere kamer gemaakt”. Volgens Ben was die oorspronkelijke kamer misschien wel een soort kapel geweest. In de binnenmuur, aan de voorzijde, bevond zich een nis, die misschien ooit diende voor kerkelijke diensten. “Het zou me niet verwonderen”, zegt hij. “De familie Hennus had nogal wat heerooms/missionarissen die regelmatig op de hoeve vertoefden en die zich, net als onze eigen familie, graag even lieten verwennen”. Er is ook al eens gespeculeerd dat die ruimte wellicht als klaslokaal werd gebruikt, omdat er in 1796 een schoolmeester (Meester Vorst - Sleijpen) woonde. Volgens de latere eigenaar, die het pand grondig heeft laten restaureren, was deze nis aan de binnenkant het restant van een raam. Wellicht is dit ooit dichtgemaakt om de belastingaanslagen te verminderen, die, zoals eerder in deel 1 opgemerkt, ooit op basis van het aantal deuren en ramen geheven werd.

Een stukje familiegeschiedenis

Ben Huntjens op het traditionele familiebankje

Ben herinnert zich uit zijn jeugd dat hij samen met zijn broer en zusjes aan tafel zat, alle zes op hetzelfde bankje.

Dat bankje is zo oud als hij zich kan herinneren, heeft hij na verkoop van de boerderij meegenomen en staat nu pontificaal naast de voordeur van zijn appartement. De hoeve werd vaak door familie, vrienden en kennissen bezocht. Het was er soms “de zoete inval” vertelt Ben. In de oorlog had zelfs een hoge Duitse officier zich de voorkamer toegeëigend vanwaar hij het “Ortskommando” voerde, dus zijn officierskantoor bestierde. Het gevolg was veel in- en uitloop van Duitsers. Maar deze officier heeft er wel voor gezorgd dat de mannen die op de boerderij werkten en die weduwe Huntjens hard nodig had, niet voor de Arbeitseinsatz in Duitsland werden ingezet. Tijdens de bevrijding boden de kelders regelmatig bescherming aan gezinnen uit Amby om te schuilen voor het oorlogsgeweld. Na de bevrijding verbleven er regelmatig geallieerde militairen op de hoeve: Amerikanen in tenten in de weiden, Engelsen in de schuren. Daarna kwamen dan weer de Nederlandse Indiëgangers, die hier in de omgeving oefenden. Zelfs terugkerende jongens en mannen van de Arbeitseinsatz vonden tijdelijk onderdak op de hoeve, op weg terug naar hun huis. Maar ook in de jaren hierna was de hoeve een trefpunt voor vele bezoekers. Menigeen die er melk of andere zaken kwam kopen vond een plekje op de bank op de binnenplaats, om met Maria over van alles en nog wat te vertellen of gewoon gezellig te kletsen.




De hoeve verlaten

De boerderij was niet zo heel groot, met soms veel en soms wat minder werk. Als het nodig was hielpen de kinderen uiteraard een flink handje. Maar gaandeweg kregen de zussen van Ben verkering en hebben het ouderlijk huis verlaten, nadat ze allemaal eerst op de boerderij zijn getrouwd. Ben hielp en werkte graag mee op de boerderij. De school, waar hij het zitvlak niet voor had, wist hij vaker te vermijden. Ondanks dat het toenmalige hoofd der school, de heer Francort, moeder Maria aanspoorde Ben naar de Mulo te sturen, is dat niet gebeurd. “Ik heb wel nog een zgn. zevende leerjaar na de lagere school moeten doen in Meerssen. Dat was een soort landbouwschool voor twee dagen per week, maar ik bleef dus mooi op de boerderij”, aldus Ben. “Mijn interesse ging alleen maar uit naar een technisch beroep. Automonteur, dát wilde ik graag worden”. In die tijd werd de melk opgehaald door een speciaal bedrijf en een van de melkophalers, later met zijn zus Ria gehuwd, heeft hem in contact gebracht met de wereld van het transport. Gemotiveerd haalt hij zowat alle benodigde rijbewijzen, ook internationaal, en gaat hij zelf de melk ophalen. Na zijn diensttijd en een korte verkering is hij getrouwd. Zijn vrouw, Jeanne, heeft toen het middenstanddiploma gehaald. Dat deed zij overigens als best geslaagde in de regio aan de school van Wim Aarts, ook geen onbekende bij de wat oudere generaties van Amby. Wim Aarts was econoom van huis uit, leraar en later directeur van de lagere en middelbare detailhandelsschool in Maastricht. Ook was hij raadslid van de voormalige gemeente Amby. In de avonduren verzorgde hij cursussen. Daar heeft Ben later eveneens het middenstandsdiploma behaald. Ben is daarop voor zichzelf begonnen als vrachtrijder. Jeanne vertelt: “Dat was geen vetpot in die jaren, de jaren zestig, maar er was wel voldoende werk”. Er waren toen grotere wegenbouwbedrijven die op gezette tijden behoefte hadden aan extra, dus in te huren, vrachtrijders. “Zo werd ik vaker via transportbedrijf Vaessen, toen gelegen aan de Bergerstraat, ingezet bij Tempelman”, aldus Ben. Een van de projecten in Amby waaraan hij actief meewerkte was de bevoorrading van de bestraters rond en aan het Severenplein. “De ene na de andere wagen vol grind, stol en kiezel heb ik, samen met een andere vrachtrijder die ook uit Amby kwam, aangevoerd”. Uiteindelijk is Ben tot aan zijn pensioen actief gebleven in de transportwereld. Hij kwam in dienst van de grotere bedrijven zoals Vredestein, Boma, Plutrans, Matron en hoe ze allemaal wel heetten, maar niet meer met een eigen wagen.

De melkboer

Jean met paard en wagen
Jean, eega Annie en kinderen met paard en wagen
Melkboer Jean schakelt over van viervoeter naar mechanische wagen
Jean, nu gemotoriseerd

Zoals gezegd werd het werk op de boerderij in eerste instantie gedaan door Jean, Maria, Neunkske en zus Els. Als het nodig was staken ook Ben en de anderen de handen uit de mouwen. Een belangrijke bron van inkomsten was, naast de akkerbouw en de teelt van fruit, de verkoop van melk. De melk werd vooral aan grootverbruikers verkocht: bakkerijen en winkels haalden de melk bij weduwe Huntjens, evenals zuivelcoöperatie Campina. Maar ook particulieren vonden hun weg naar de hoeve. Jean wilde graag de boerderij overnemen en heeft dat gedaan, al werd hem dat afgeraden: “Veel te groot en te zwaar werk!” zo werd gezegd, “zeker voor een vrijgezel”, die Jean toen nog was. Daarbij waren de meest noordelijk gelegen delen van de akkers en de meeste weiden reeds verkocht aan projectontwikkelaars. Daar waren de nieuwe woonwijken van Amby en later Maastricht al gepland. Alleen de kersenweiden waren er nog. Maar Jean heeft de boerderij toch overgenomen.

In 1986 koopt Jean uiteindelijk de boerderij. Woonde hij tot die tijd bij zijn moeder, nu woonde weduwe Huntjens in bij haar zoon Jean tot aan haar dood in 1993. Samen met zijn latere vrouw Annie heeft Jean de boerderij aangehouden, totdat hij als gevolg van gezondheidsproblemen en nieuwe wetgeving moest stoppen met venten in 1999. Er kwamen toentertijd veel nieuwe regels voor het huis-aan-huis verkopen van levensmiddelen, bovendien kwamen de grotere supermarkten destijds in opkomst. Het was Jean, die uiteindelijk een paard en wagen aanschafte en de melk en andere zuivelproducten ging uitventen bij de mensen thuis. Voor de wat oudere generaties in Amby was Jean een welbekende en zeer markante verschijning. Eerst alleen, soms met hulp van neefjes en nichtjes, en later met zijn echtgenote was hij jaren lang met paard en wagen op pad. Dit was, zoals gezegd, een regelmatige verschijning in de straten van Amby. Het paard kende de route zo goed, dat het vanzelf van de ene plek in de straat naar de andere sjokte en het dier wist precies waar gestopt diende te worden. Als Jean al eens wat bleef praten met zijn klanten ging het paard zijn eigen gang. Dat veranderde toen hij in 1988 paard en wagen inruilde voor een gemotoriseerd voertuig. Nu moest Jean zelf zijn nering op straat verplaatsen. Wat niet veranderde was het presentje: een extra en gratis portie yoghurt of slagroom voor de zieken, de zwangeren of de jonge moeders.

Sociale functie van de hoeve

Op de hoeve is altijd een regelmatige aanloop geweest. Er waren altijd wel bezoekers. De familie en vooral de boerderij zelf speelden een grote rol in de gemeenschap Amby. Bij weduwe Huntjens was iedereen welkom en was het gezellig keuvelen op de binnenplaats. In de kersenweiden, zo zal menige oudere inwoner van Amby zich wellicht nog herinneren, werd begin jaren zestig van de vorige eeuw door de harmonie een paar keer een Fancy-Fair georganiseerd, waarvoor het hele dorp uitliep. Van die feesten heeft Ben helaas geen foto’s. Maar zijn ogen tintelen als hij erover vertelt. “Die Fancy-Fairfeesten hadden nogal wat voeten in de aarde”. glundert hij. “De drankvergunning bijvoorbeeld kon alleen onder naam en dus verantwoordelijkheid van een bestaande vergunninghouder afgegeven worden”. De oplossing was een gat te maken: een doorgang in de haag die het naastgelegen café Hanssen scheidde van de hoeve. De feestweide werd op die manier direct verbonden met het café. “Probleem opgelost”, lacht Ben. De carnavalsvereniging was eveneens een graag geziene gast op de hoeve. Jarenlang konden de leden terecht in de schuur van de boerderij van melkboer Jean Huntjens, waar onder de strikte voorwaarde dat er niet gerookt werd - een logisch verbod gezien het verleden van de schuurdelen - gewerkt werd aan de opbouw van de carnavalswagens. Voor diezelfde carnavalsvereniging heeft Jean zelfs opgetreden tijdens diverse zittingen en vaak mee getrokken in de carnavalsoptocht.

Het einde van de hoeve als boerderij

Jean is uiteindelijk vanwege gezondheidsproblemen in 2003 helemaal moeten stoppen met zijn werk als “melkboer” en de boerderij. Hij en zijn vrouw Annie zijn toen in de Longinastraat gaan wonen, terwijl de jongens Jacky en Harrie nog tot de verkoop/overdracht in 2005 op de boerderij hebben gewoond. In de Longinastraat is Annie in 2004, enkele maanden na de verhuizing en helaas al op 68-jarige leeftijd, overleden. Jean overleed bijna twee jaar later, in 2006, op 71-jarige leeftijd. Wat betreft de boerderij is met het einde van de “periode Huntjens” tevens de functie van de hoeve als boerderij geëindigd. Als antwoord op de vraag wat de hoeve voor de kinderen van Jean en Annie betekend heeft, zegt Jacky: “Wij vinden het vooral fijn dat de boerderij een nieuwe functie heeft gekregen en dat ze behouden is gebleven. Het is fijn dat er nog steeds mensen samen kunnen komen in het restaurant. Dat is vergelijkbaar met de sfeer van vroeger, waar de hele familie vaak samenkwam op de boerderij”.

De restauratie

Woonhuis in de steigers
De voorgevel in de steigers
Beeldje als gevelsteen: ode aan de melkboer

In 2005 wordt de boerderij gekocht door Eugene op den Camp. De boerderij was dringend aan opknappen of restauratie toe. In 2004, nog voor de koop uiteindelijk rond was, heeft Eugene al de nodige vergunningen aangevraagd. Zijn plan was om de bestemming van de boerderij te veranderen van landbouwbestemming tot gedeelde horeca en woonbestemming. Gezien de ontwikkelingen rond de boerderij, waar in de voormalige boomgaarden en akkers een totaal nieuw en groot deel van Amby werd gebouwd dat bekend staat onder de naam “Achter de Hoven”, was de landbouwbestemming van de hoeve in feite al achterhaald. De restauratie van met name het woonhuis is meteen voortvarend aangepakt. Bij de restauratie stond een aantal belangrijke zaken voorop, zoals het gebruik van duurzame materialen en het proberen te behouden van zoveel mogelijk authentieke of originele elementen van de oorspronkelijke bouw.

Het karakter van het gebouw moest intact blijven, zo was de gedachte van Eugene. Natuurlijk, het transformeren van een eeuwenoud boerenwoonhuis tot horecapand met daarboven gescheiden woonmogelijkheden, moest wel tot aanpassingen leiden. Maar degenen die ooit gedineerd hebben in de huidige Hof van Huntjens hebben kunnen zien, dat de restauratie zorgvuldig uitgevoerd is en veel van de oorsprong van het pand bewaard is. De bar, ondergebracht in de oude melkkamer, heeft bijvoorbeeld nog steeds wanden van witte geglazuurde tegeltjes, precies zoals het ooit was. De enige verandering is dat tussen de opnieuw gezette tegels, tegeltjes zijn verwerkt met “beroemde” monumenten van Amby, die ooit in de jaren 1970 zijn uitgegeven door de carnavalsvereniging.

Het woonhuis is aan de buitenkant voornamelijk van mergel. Tijdens het opknappen en restaureren door een zeer kundig vakman, heeft deze boven de verbrede toegangsdeur, daar waar vroeger het eerder genoemde raam gezeten moet hebben, een soort nis gecreëerd. Daarin plaatste hij een uit mergel gehouwen beeldje van een melkboer, als herinnering of ode aan wat er ooit was.

De voormalige schuren worden verbouwd tot appartementen. Anno juni 2022 zijn die nog niet opgeleverd. Maar ook hier wordt duurzaam gewerkt en worden authentieke elementen, stammend uit de herbouw van 1938, zichtbaar behouden, dus met veel oog voor originaliteit en detail.

Het terras op de binnenplaats van de Hof van Huntjens
Detail van het terras op de huidige binnenplaats

De binnenplaats heeft inmiddels ook al enige tijd de beschikking over een terras, gekoppeld aan de brasserie. Aan de straatzijde bevindt zich eveneens een intiem terras in de voormalige voortuin.

Nadat Eugene het pand had verworven en de plannen uitgevoerd konden worden, werd er door een aantal mensen uit Amby samen met Eugene gebrainstormd over een mooie naam. Iemand, Eugene weet niet meer wie, opperde de naam “Hof van Huntjens”. Nadat de familie toestemming was gevraagd deze naam te mogen voeren en deze toestemming ook werd gegeven, beschikt de hoeve voor het eerst in haar ruim 250-jarige geschiedenis over een eigen naam.



Het terras aan de straatzijde



Brasserie en restaurant

In 2009 betrekt de eerste uitbater de nieuwe horecagelegenheid. Rein Visser, een Fries van oorsprong, baat het restaurant uit tot 2011. Vanaf 2013 wordt het restaurant/brasserie uitgebaat door François en Estelle Meurders. De “Hof van Huntjens” is inmiddels een niet meer weg te denken kwaliteits-horecagelegenheid in Amby. Vonden vroeger de mensen hun weg naar weduwe Huntjens en later haar zoon Jean voor melk en andere lekkernijen en een gezellig gesprek, nu vinden de mensen van heinde en verre hun weg naar de hoeve om er eens goed te tafelen en hopelijk ook leuke gesprekken te voeren. In feite is er dus in de uiteindelijke bestemming van de hoeve niet zo heel veel veranderd.


Zie ook