Mariakapel
De Mariakapel ligt op de hoek van de Heukelstraat en Ambyerstraat Zuid.
Geschiedenis
Een legende vertelt dat in 1600 aan de Heukel een kruis werd opgericht uit dank voor een niet naar Amby overgewaaide pestepidemie. Tussen 1580 en 1635 woedde de pest in deze streken zeker zeven maal. De pest ontzag niemand en maakte heel veel slachtoffers. Het kruis behoorde tot de vroomheidkruisen, welke uit dankbaarheid werden geplaatst, meestal voorzien van een tekst waarin de reden van de oprichting werd vermeld. Dat Amby niet werd getroffen door de pest, moet heel bijzonder zijn geweest. Het kruis stond op land dat toebehoorde aan Johan den Ouden, jonker van Rave en zijn echtgenote Catharina jonkvrouw van Meerssen, die toen op de Ravenhof resideerden.
In 1864 werd het kruis op de hoek van de Heukelstraat voor het laatst vermeld. Wat er met het kruis is gebeurd, is niet bekend. Wel is bekend dat het kruis tussen 1875 en november 1879 werd vervangen door een kapel. De kapel werd gebouwd in opdracht van burggraaf Charles Vilain XIV, de eigenaar van de grond, ter nagedachtenis aan zijn echtgenote Pauline de Billehé de Valensart waarmee hij op 21 mei 1822 te Maastricht in het huwelijk was getreden. Deze edelman beheerde de Scheversteinerhof (later Ravenhof genaamd) met de bijbehorende landerijen. De kapel werd opgedragen aan Maria Onbevlekte Ontvangenis, in de volksmond 'Onze lieve Vrouw van Lourdes'. Het is dezelfde kapel die nu nog steeds op de hoek van de Ambyerstraat-Zuid en de Heukelstraat staat.
Beschrijving
De Mariakapel ligt tegenover de voormalige jongensschool op de hoek van de Ambyerstraat Zuid (voorheen de Kerkstraat ) en de Heukelstraat. De kapel is ingebouwd in een lage tuinmuur. Ze staat gedeeltelijk in de tuin van een huis onder een grote catalpa van het nabij gelegen pand en grenst met de voorgevel aan de stoeprand. De Kapel heeft een zadeldak en de gevel is, evenals het interieur en het altaar, wit gepleisterd en geschilderd. Het altaarblad werd van een lichtblauwe kleur, naar een bruine kleur overgeschilderd en er is een ondiepe geelgekleurde nis aangebracht waarin het mooie Mariabeeld op een console is geplaatst. Het beeld is als Onze Lieve Vrouw van Lourdes gekenmerkt door een blauw sjerp om haar middel, die in twee uiteinden geplooid over haar lichaam valt.
Het fraaie witte Mariakapelletje zal menig leerling van de jongensschool bewonderd hebben. Het kleine gebouwtje stond tot 1955 in een idyllisch landschap onder vier grote lindebomen aan de rand van een weiland. Van oudsher diende het bedehuisje als rustaltaar tijdens de jaarlijkse sacramentsprocessie en bij de processie op de feestdag van Maria Ten Hemelopneming, 15 augustus. Ook nu nog is het als rustaltaar in gebruik tijdens de Sacramentsprocessie. Een neogotisch altaarstuk wordt dan ter gelegenheid hiervan in de kapel geplaatst. Op het middenpaneel van deze neogotisch triptiek is het Lam Gods afgebeeld, waaronder dan de monstrans met het Allerheiligste wordt geplaatst. Dit altaarstuk stamt uit 1901 en werd gemaakt door de heer Slangen. Het Mariabeeld dat, de kapel normaal siert, wordt dan tijdelijk ergens anders ondergebracht. Het huidige beeld van Onze-Lieve-Vrouw van Lourdes dat nu in het kapelletje staat is niet het oorspronkelijke beeld. Dit werd namelijk in 1998 helaas gestolen. Het huidige beeld met dezelfde voorstelling werd geschonken door familie Koekelkoren - van Hooren en is afkomstig van de "Foyer de Lumière, de Charité et d'Amour" te Thorn.
Versieringen tijdens kerstdagen
Toen het kerkbestuur de vaste processie route op de feestdag van Maria Ten Hemelopneming afschafte, werd op 15 augustus 1958 de kapel in de bloemen gezet. De toenmalige pastoor Lanckor reageerde hierop tijdens een preek, omdat hij het versieren van de kapel een protest vond tegen het genomen besluit. Traditioneel wordt tijdens de kerstdagen het bedehuisje tot een kerststal omgebouwd met een fraaie beeldengroep en verlichting boven de kapel in de vorm van een ster. De attributen voor deze versiering zijn rond 1958 aangeschaft door de buurtvereniging ‟t Kapelke opgericht in 1956. De Jonkheid Heukelstraat - Kerkstraat (de huidige Ambyerstraat-Zuid) heeft jarenlang de kapel vol overgave verzorgd. De verzorging werd in 1956 overgenomen door de buurtvereniging "'t Kapelke". Samen met oud-burgemeester Hermens heeft deze vereniging zich midden jaren vijftig ingezet om deze kapel te behouden toen deze afgebroken dreigde te worden. Het is een geluk en de verdienste van de buurtvereniging dat de kapel, als mooi cultuurhistorisch erfgoed, nog steeds deel uitmaakt van de buurt.
Problemen vanwege twee Lindebomen
De buurtvereniging heeft er bij de gemeente voor moeten pleiten om het historisch erfgoed voor de buurt en Amby te behouden. Wel hebben ze moeten toestaan dat de vier bomen rond de kapel werden gerooid. Twee lindebomen moesten verdwijnen voor een wegreconstructie. De andere twee bomen werden verwijderd omdat wortels een beschadiging hadden opgelopen, waardoor zij een gevaar zouden zijn voor de omwonenden. Een nobele anonieme schenker gaf direct fl. 500,= om de kapel te behouden en na zijn overlijden werd nog eens fl. 3600,= overgemaakt. Een overzicht van wat er zich afspeelde. Het bestuur van de voormalige gemeente Amby was eind 1955 van mening dat ”dat ding”, zoals het oneerbiedig werd genoemd, moest verdwijnen, om plaats te maken voor een wegverbreding. Op 29 juni 1956 stuurde een aantal buurtbewoners een brief naar het gemeentebestuur, waarin gepleit werd voor behoud van het gebedshuisje. Op 16 juli 1956 ging een tweede brief met handtekeningen naar de gemeente om de kapel op die plaats te bewaren, ze zou immers verplaatst worden naar de hoek Hoofdstraat-Peutgensweg. Enkele dagen later werd in de raadsvergadering van 19 juli besloten dat de kapel aan de Heukel behouden bleef. Maar door reconstructie van de weg zouden de lindebomen gekapt moeten worden. De gemeente werd gevraagd om alles in het werk te stellen de kapel met beplanting te behouden. Wederom zag de vereniging problemen op zich afkomen want de kapel stond op het stuk grond van eigenaar Joordens. Anderhalf jaar nadat de heer Joordens had beloofd de beplanting te ontzien (zijn huis was inmiddels gereed), gaf hij op 2 juli 1958 te kennen dat de lindebomen toch gekapt zouden worden. Het bestuur deed inmiddels verwoede pogingen om er achter te komen wie het eigendomsrecht had. Opvallend daarbij was dat de gemeente wist wie de eigenaar was maar zweeg in alle toonaarden. Het duurde tot 1961 voordat rust kwam in deze zaak. De bomen waren weg, maar de kapel stond er nog. De door de buurt zo geliefde kapel werd op 13 mei 1968 eigendom van de gemeente Amby en is nu eigendom van de gemeente Maastricht. Het onderhoud van de kapel wordt nog steeds uitgevoerd door de buurtvereniging.
Trivia
- Achter de kapel heeft in de oorlog 1940-1945 een schuilkelder gelegen. De H. Maria lette wel op haar omgeving, waardoor Amby gevrijwaard is gebleven van oorlogsgeweld.
Bronnen, noten en/of referenties
|