Vluchtelingenplan in de Koude Oorlog

Uit Amiepedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
In het diepste geheim werd er door de gemeente in 1957 gewerkt aan een plan om vluchtelingen op te vangen.

Gemeenten staan dit voorjaar aan de lat voor de grote uitdaging om Oekraïense vluchtelingen op te vangen. Hoewel veel gemeenten hierdoor zijn overvallen is dit vraagstuk niet nieuw. Ruim 60 jaar geleden werd er al op gemeenteniveau over gepraat. Zo komt in 1957 een club notabelen in Amby bijeen onder leiding van burgemeester Spauwen. Er hangt een gespannen sfeer in de lucht; de Koude Oorlog is volop gaande. Het wordt tijd om voorbereidingen te treffen voor als het echt fout gaat en Amby vluchtelingen moet opvangen… In het diepste geheim wordt een vluchtelingenplan opgesteld, het zogenaamde 'evacuatieplan'.

Hét symbool van de Koude Oorlog was de Berlijnse Muur die dwars door Berlijn liep. De Sovjet Unie heeft deze vanaf 1961 gebouwd om te voorkomen dat bewoners van oost-Berlijn naar west-Berlijn zouden vluchten.

Wat vooraf gaat

De Koude Oorlog is de “bewapende vredestijd” tussen het Westen (onder aanvoering van de Verenigde Staten) en de Sovjet Unie, tussen de vrijemarkteconomie en democratie enerzijds en een totalitaire communistische staat aan de andere zijde. Grootmachten staan lijnrecht tegenover elkaar. Helaas toont de situatie vandaag de dag aan dat er in al die jaren niet veel veranderd is. De Koude Oorlog begon eigenlijk direct na afloop van de Tweede Wereldoorlog en liep door tot begin jaren ’90. Enkele jaren daarvoor was de Vietnamoorlog (1955) begonnen, waarbij er strijd werd gevoerd tussen Zuid-Vietnam - georiënteerd op de Verenigde Staten - en Noord Vietnam, dat georiënteerd was op de Sovjet Unie en China. Mede door dit conflict kwam de Koude Oorlog na jaren van enige rust in een gespannen fase. Mogelijk was dit de directe aanleiding voor het gemeentebestuur om zich voor te bereiden op een nieuwe oorlog. De Tweede Wereldoorlog zat nog vers in het geheugen en dit keer wilde men wél voorbereid zijn. Daarom werd in 1951 een Provinciale Evacuatie Commissie in het leven geroepen die zou bestaan tot 1969. Deze commissie zag er op toe dat elke gemeente een eigen evacuatieplan maakte, zo ook Amby.

Dat het plan niet mocht uitlekken is voor de lezer overduidelijk. Regelmatig komen de woorden 'geheim' terug in het document.
Burgemeester George Spauwen. Foto genomen in 1958, in de periode dat het plan werd opgesteld.

Evacuatiecommissie

Het evacuatieplan begint met het geven van uitleg over voor wie dit plan bedoeld is. Het kan zijn dat dit nodig is naar aanleiding van “militaire operaties te land” of voor mensen die dakloos zijn geworden ten gevolge van luchtaanvallen. Dat kunnen mensen uit de eigen gemeente zijn of van elders. Om goed voorbereid te zijn is van elke woning de “opnamecapaciteit” in kaart gebracht. Hulp van de “burgerij” is absoluut noodzakelijk en daartoe is een “evacuatiecommissie” opgericht. Deze commissie moet een goede ontvangst van de vluchtelingen en een goede onderbrenging en verzorging borgen. Aan het hoofd van deze commissie staat burgemeester Spauwen, met als plaatsvervanger de locoburgemeester. Wethouders Dassen en Houben nemen ook deel, evenals de gemeentesecretaris Lamkin. Daarnaast waren nog lid de heer Verkroost (ambtenaar bij het ministerie van Maatschappelijk Werk), J. Limpens als secretaris van het plaatselijke Groene Kruis (later J.H. Damoiseaux), M. Gijselaers (voorzitter van de K.A.B.: Katholieke Arbeiders Bond), Dokter Stoops (huisarts in Amby) en de heer J. Lenssen als ambtenaar op het gemeentehuis (later J.H.J. Limpens, ambtenaar sociale zaken) en P.J.A. Opbroek (ambtenaar algemene zaken).

Iedereen draagt zijn steentje bij

Het was nogal een opgave om voor een kleine gemeenschap als Amby een evacuatieplan op te stellen. Men kwam al snel tot de conclusie dat dit alleen mogelijk was als iedereen zijn of haar steentje zou bijdragen. Op die manier werd het volgende plan bedacht: Vluchtelingen worden opgevangen in het cafépand Lemmelijn aan de Severenstraat, waar in de zaal plek is voor ongeveer 100 personen, door leden van de K.A.B. en de Boerenbond. Mocht deze ruimte te klein zijn kan uitgeweken worden naar de zaal van café Habets (beter bekend als De Keizer) aan de Ambyerstraat Noord 3, waar plaats is voor nog eens 80 personen. De dames van de Boerinnenbond verzorgen koffie en brood vanuit de keukens van het “gesticht Severen”. De medische dienst bestaat uit de plaatselijke arts, dokter Stoops, de wijkverpleegster van het Groene Kruis zuster Longina en “twee gehuwde dames die vroeger verpleegster waren”. Later wordt hieraan de E.H.B.O.-afdeling Amby toegevoegd. De administratie wordt geregeld vanuit het Groene Kruisgebouw aan de Severenstraat. De administratie zal beschikking krijgen over drie telefonisten en drie “ordonnansen” (personen die rapporten overbrengen). Dit zijn de oudsten uit de “verkennersbeweging”, onder leiding van de jongste gemeenteambtenaar. Daarnaast zullen er drie administratieve krachten beschikbaar worden gesteld. Blijkbaar zijn deze in een boeren- en arbeidersdorp als Amby lastig te vinden, want hiervoor wordt een beroep gedaan op gepensioneerde ambtenaren of, indien beschikbaar, ambtenaren onder de vluchtelingen. De ambtenaar sociale zaken is belast met de uitkering en registratie, geassisteerd door de ambtenaar bevolking. De ambtenaar algemene zaken ondersteunt vooral algemene zaken die op dat moment relevant zijn. Kortom, iedereen doet vooral datgene waar hij goed in is. De eerder genoemde ordonnansen zullen de evacués die in de zalen bivakkeren “gezinsgewijs” naar het Groene Kruis gebouw brengen waar een medische keuring plaatsvindt en waar de arme vluchtelingen geregistreerd worden. Van hieruit zullen ze een logeeradres “bij de burgerij” worden toegewezen. Begeleiders (oudsten der verkenners en leden van de K.A.B.) helpen de vluchtelingen hun evacuatieadres te vinden. Vervoer van minder validen en bagage geschiedt per paard en wagen of met de tractor. Eigenaren van wagens en tractoren worden hier speciaal voor aangeschreven. Overigens zal de lokale geestelijkheid - pastoor en kapelaan - de geestelijke verzorging op zich nemen, ondersteunt door de rector van het gesticht St. Vincentius à Paolo, beter bekend als het “gesticht Severen”.

Toevallig staan een aantal van de leden van de commissie samen op deze foto uit 1959: Uiterst links wethouder Francort (die wel een rol had in het plan maar geen lid was van de commissie), 2de van links burgemeester Spauwen, vervolgens wethouder Dassen en daarnaast gemeentesecretaris Lamkin. Aan de rechterkant staat J. Limpens. Deze mannen hebben allemaal deel uitgemaakt van de evacuatiecommissie. De foto is overigens genomen ter ere van de inschrijving van de 3.000e inwoner van Amby, Maria Janssen. De aangever, haar trotse vader, zit rechts in de stoel.

Hoeveel capaciteit is er?

Waar vandaag de dag de Veiligheidsregio’s voor de uitdaging staan om per regio (lees: Zuid-Limburg) 1000 opvangplekken te vinden voor Oekraïense vluchtelingen, was dat in 1957 een stuk gemakkelijker blijkens de aantallen die genoemd worden in het rapport. Alleen al in Amby kunnen 500 personen gehuisvest worden, op last van de burgemeester, in de reguliere woningen. Daarnaast kan er, in uiterste nood, onderdak geboden worden aan 250 personen in zogenaamde massakwartieren. Tot deze categorie zijn bestemd: - Zaal Lemmelijn, Severenstraat 1 (30 personen; dit is naast de eerste acute opvang in de zaal) - Zaal Franssen (voorheen Habets) Dorpsstraat 3 (30 personen; ook dit is naast de acute opvang) - Zaal Stroom, Dorpstraat 76 (20 personen) - Patronaatsgebouw, Kerkstraat (40 personen, Scoutinggebouw) - R.K. Jongensschool, Kerkstraat 2 (65 personen) - R.K. Meisjesschool Kloosterstraat 26 (65 personen)

Inrichting van de ontvangstruimtes

Stel dat cafés Lemmelijn en Franssen ingezet worden als opvangcentra, dan moeten deze ruimtes ook hiertoe geschikt zijn. Daarom is een lijst gemaakt met benodigdheden: - tafels en stoelen voor de administratie - banken of tafels en stoelen voor de wachtende daklozen - strozakken en dekens - verwarming en stookgelegenheid inclusief een voorraad kolen - verlichting en noodverlichting - verduistering - contact met Bescherming Bevolking en Dienst Sociale Voorziening t.b.v. voeding en drank - contact met doktoren, Rode Kruis, Groene Kruis - E.H.B.O.-materiaal - contact voorbereiden met instellingen die in tijd van nood inventarisbenodigdheden kunnen afstaan - voldoende toiletruimte en wasgelegenheid - eventueel een afgescheiden/afzonderlijke ruimte voor medisch onderzoek - ruimte voor moeders met baby’s - eventueel inrichten van een ziekenzaal - aanbrengen van borden met o.a. “Ontvangstcentrum I” e.d. - ordehandhaving, inschakeling van de reserve-rijkspolitie

Voorbeeld van een brief waarmee de burgemeester de bewoners van Amby kon verplichten evacués op te nemen

Richtlijnen voor huisvesting

De commissie realiseert zich dat ze vluchtelingen niet “zomaar” bij de inwoners kunnen huisvesten. Aan de “onderbrenging” bij burgers worden daarom eisen gesteld, al verwacht men niet dat aan alle eisen kan worden voldaan. Er zal naar een “zo gunstig mogelijke regeling gestreefd worden”: - Het geëvacueerde gezin wordt zoveel mogelijk op één adres gehuisvest - Huisvesting moet van dien aard zijn dat dit voor langere termijn mogelijk is - Opvang bij bekenden van evacuées heeft de voorkeur boven onbekenden - Er zal zoveel mogelijk gezocht worden naar een opvangadres met een gelijksoortige godsdienst - De geëvacueerden krijgen één slaapkamer voor de ouders en jongste kinderen, overige kinderen worden naar geslacht gesplitst en slapen apart - Een eigen woonvertrek verdient de aanbeveling - Bij het toewijzen wordt rekening gehouden met gezinsverband, “milieu”, leeftijd, e.d. - Vluchtelingen met een “speciaal karakter” (zieken, gebrekkigen, zwakzinnigen, asocialen, vervuilde personen en -gezinnen, etc.) worden bij voorkeur gehuisvest in de daartoe bestemde noodinrichtingen; indien ze gehuisvest worden bij particuliere gezinnen verdienen ze “speciale aandacht” - Het aanwijzen van burgerwoningen begint met de woningen die het dichtst bij de evacuatieadressen zijn gelegen - De huisvesting en andere kosten die hiermee gepaard gaan worden vergoed conform artikel 10 van de Wet Verplaatsing Bevolking. Saillant detail: deze wet is nog steeds van kracht.

De begeleiders

We lazen al dat met name de oudste verkenners en de leden van de K.A.B. zorg moesten dragen voor het huisvesten van de vluchtelingen. Ook voor hen zijn regels opgesteld: - Zodra 10 tot 15 vluchtelingen geregistreerd zijn wordt de groep overgegeven aan een van de begeleiders die een lijst ontvangt met de namen en evacuatieadressen - De begeleider begeeft zich met de groep via de kortst mogelijke weg naar de “kwartieren” - De begeleider brengt de vluchtelingen persoonlijk bij de kwartiergevers naar binnen - Eventuele bezwaren van kwartiergevers worden geregistreerd, maar de kwartiergevers móéten de vluchtelingen opnemen. Bij onoverkomelijke bezwaren wordt beslist of er een ander adres gezocht moet worden - Eventuele mijnwerkers krijgen voorrang bij de toewijzing van een tijdelijke verblijfadres

Sociale verzorging

De werkgroep erkent dat er mogelijk behoefte is aan hulp, speciaal voor “de moeilijkheden” van de evacués. Daarnaast zal er ook bijzondere zorg zijn voor de broodnodige ontspanning. Ook hier wordt weer een beroep gedaan op de “verkennerij”. De leiders en leidsters zullen deze taak samen met onderwijzer Francort op zich nemen.

Sanitaire voorzieningen

Op het gebied van sanitaire voorzieningen had men vroeger andere waarden en normen dan tegenwoordig. Zo wordt gesteld dat een wasgelegenheid geïmproviseerd dient te worden en dat een gat in de grond dienst kan doen als toilet. Wel wordt door de werkgroep aandacht gevraagd voor “belangrijke hygiënische maatregelen”. Het gebrek aan degelijk sanitair zal dan ook eerder voortvloeien uit het feit dat in de jaren ’50 geen mobiele badkamers en verplaatsbare dixys bestonden, dan uit weerstand of onwetendheid. Bovendien: hoeveel inwoners hadden een badkamer in die jaren? Waarschijnlijk waren deze op een hand te tellen. Hoe anders is dat vandaag de dag!

Bij het evacuatieplan zit ook een kaart met Amby met de toenmalige straten, ook hier lezen we weer 'zeer geheim'.
Uitsnede van deze kaart met daarop de oude straten en de 'nuij buurt' in aanbouw. Zo is een gedeelte van de Van Slijpe Straat en Hélène Schoenmaeckersstraat al opgenomen op de kaart. (Klik voor vergroting)







Conclusie

Het evacuatieplan komt een beetje amateuristisch over voor de lezer uit 2022. Er wordt vooral een beroep gedaan op verenigingen, waarbij het respect voor de voorzitter, secretaris of bijvoorbeeld oudste ambtenaar tussen de regels door te lezen is. Bedenk dat de middelen destijds beperkt waren, zodat men ook daadwerkelijk aangewezen was op de lokale inwoners. Een beroep doen op de florerende verenigingen is dan ook niet vreemd. Dit waren de jaren van de verzuiling; niet het individu maar het groter gezamenlijk belang was leidend. De grote meerderheid zou zijn of haar verantwoordelijkheid ook zeker nemen, mocht hier een beroep op worden gedaan. Gelukkig zien we dat ook in 2022 veel mensen meeleven met en een helpende hand uitsteken naar Oekraïense en Syrische vluchtelingen