Voorgeschiedenis annexatie Amby

Uit Amiepedia
Ga naar: navigatie, zoeken

Voorgeschiedenis annexatie Amby: Al sinds het begin van de 20e eeuw geeft Maastricht de noodzaak van stadsgebiedsuitbreiding aan via diverse structuurvisies.

Welkom

Hartelijk welkom in Maastricht op de dag, dat de stad U tot haar burgers mag rekenen. U zult er nog aan moeten wennen Maastrichtenaar te zijn. Het streven van het Stadsbestuur zal erop gericht zijn te bereiken, dat U zich als burger van Maastricht nimmer minder gelukkig zult voelen dan U als inwoner van Uw vroegere gemeente zoudt zijn.

Deze belofte maakte burgemeester Baeten op 1 juli 1970 in een brief aan alle gezinshoofden in de geannexeerde gemeenten Amby, Heer, Borgharen en Itteren.

Gespannen volgen burgemeesters en wethouders op deze persfoto de goedkeuring van de annexatieplannen in de Tweede Kamer in december V.l.n.r. de wethouders M. Heugen, F. van Caldenborg en burgemeester L. Corten van de gemeente Heer, burgemeesters A. Baeten van Maastricht, burgemeester G. Spauwen en de wethouders W. Aarts en A. Eurlings van de gemeente Amby

Motivatie

Al enkele jaren vòòr de daadwerkelijke annexatie van de randgemeenten Heer, Amby, Borgharen en Itteren door de gemeente Maastricht, is in de diverse raadsbesluiten van de Gemeenteraad van Maastricht al te lezen over de noodzaak van een toekomstige annexatie van de randgemeenten. Ook in de toenmalige kranten verschenen regelmatig artikelen die de noodzaak tot een gebiedsuitbreiding van Maastricht propageerden en al spreken over een Groot-Maastricht. Wat opvalt is dat deze noodzaak niet alleen wordt aangetoond op basis van bijvoorbeeld bevolkingsgroei, woningnood en sociaal-economische afhankelijkheid. Met enig dedain noemt men de meer triviale zaken als hoe fijn het voor de inwoners van de buurgemeenten wel niet zal zijn, ook te beschikken over goede en veilige wegen, goede verlichting, behoorlijke riolering en drinkwatervoorziening, lommerrijke en netjes bebouwde toegangswegen en goed functionerende publieke diensten als politie, brandweer, gezondheidszorg en verloskunde. Het stadsbestuur zou dit beter waarborgen dan de plattelandsgemeenten zelf, ...die aan dit alles en nog veel meer den brui gaven en geven... Verder wordt er vaak betoogd dat de onderwijsvoorzieningen in de buurgemeenten tekort schieten en niet verder reiken dan armetierige dorpsschooltjes. Voor beter onderwijs is Maastricht ineens wel goed genoeg. En dan zijn er nog de wat welgesteldere Maastrichtenaren die hun heil in die buurgemeenten zoeken. Meer en grotere ruimte voor ruimere woningen laten een duidelijke trek naar die gemeenten zien. Deze financieel beter gesitueerden betalen hun belastingen in Heer en Amby, maar blijven verder verstoken van de voorzieningen (zie hierboven) die de stad wel aan haar burgers biedt.

Structuurvisies

Burgemeesters overleg in Maastricht. Onderwerp annexatie Amby, Heer, Borgharen en Itteren. 1e rij helemaal rechts Burgemeester George Spauwen, 2e rij 2e links de heer Urlings en 3e rij licht pak Wim Aarts

In opdracht van de Gemeente Maastricht schrijft Jacques van de Venne, in de stad beter bekend als Drs J.J.J. van de Venne in 1962/63, een werk getiteld “Maastricht, een visie op de toekomst”. Drs J.J.J. van de Venne was een invloedrijke ambtenaar bij de Gemeente Maastricht. Hij was hoofddirecteur van openbare werken van 1955 tot 1977 en een autoriteit op het gebied van stedenbouw in Nederland.

In dit werk, een zogenoemde structuurvisie, beschrijft hij de uitdagingen waarvoor de stad Maastricht staat en hoe de toekomst er uit kan zien, om Maastricht, maar ook het omringende gebied van de buurgemeenten zich zou moeten ontwikkelen. Hiermee een sociale leefruimte scheppend voor de toekomst. In die sociale leefruimte gaat het volgens hem dan om werk-, recreatie- en vooral woonruimte. Eerder spreekt hij dan van de totale ruimtelijke structuur. Tevens toont hij in deze studie aan dat Maastricht een verzorgingsfunctie heeft voor de streek. Als koopcentrum, maatschappelijk centrum, bestuurlijk stedelijk en provinciaal centrum, religieus centrum, onderwijscentrum en cultureel centrum. Al de stedelijke, regionale, provinciale en landelijke instituten die hierin actief zijn, bevinden zich op het relatief kleine oppervlak van de stad Maastricht. Wil Maastricht zich verder ontwikkelen op genoemde terreinen dan spreekt hij over Groot-Maastricht, waarbij vooral de randgemeenten Amby en Heer de voornaamste annexatie gemeenten zijn.

Plannen maken

In zijn werk, is te lezen hoe deze drs. J.J.J. van de Venne de toekomst van Groot-Maastricht ziet en welke gevolgen het heeft voor o.a. de gemeente Amby. Hij toont in zijn werk niet alleen aan welke noodzaak er is voor de toekomstige annexatie, maar probeert ook aan te tonen dat de belangen al zodanig verstrengeld zijn dat annexatie een logisch proces is….

De eerste structuur- en uitbreidingsplannen werden al eerder, in 1919 door Ir. Jos Cuijpers vervaardigd. Weliswaar nooit door de gemeenteraad definitief vastgesteld, leidden deze plannen tot een eerste echte structuurplan in 1954. Gebaseerd op nieuwe inzichten wat betreft de sociaal-economische betekenis van de ruimtelijke ordening: Dit structuurplan, getiteld “Inleidende studies tot de uitbreidingsplannen in hoofdzaak voor de gemeenten Maastricht, Heer en Amby”. Door Dr. Jos. Viegen uit 1954 formuleert de toekomstige werkelijkheid van “Groot-Maastricht” waaronder de gemeenten Maastricht, Heer en Amby, voor het eerst. In deze eerste structuurvisie, zo vlak na de oorlog, ging men nog uit van een pessimistische ontwikkeling van de stedelijke agglomeratie. Er werd uitgegaan van een minimale bevolkingsgroei-prognose, met een minimale behoefte aan woningen en daaraan gekoppeld een minimale behoefte aan groei van werkgelegenheid en industrie. In de gemeenten Heer en Amby bestond in die tijd ook heel sterk de vrees dat ze volledig overheerst zouden gaan worden door de grote buur Maastricht. Zo hebben beide gemeenten, en dan vooral Heer, heviger dan Borgharen en Itteren, langere tijd weerstand geboden tegen annexatie en vooral de lokale belangen verdedigd.

Noodzaak

De dynamische werkelijkheid van de jaren vijftig en begin jaren zestig, met zijn enorme bevolkingsgroei en de daarmee gepaard gaande druk op de woningmarkt en de economische groei achterhaalde zowel deze pessimistische visie alsook de weerstand van de betrokken gemeenten zeer snel. De buurgemeenten Heer en Amby raakten steeds meer op sociaal-economisch en cultureel gebied in belangrijke mate op Maastricht georiënteerd. Een duidelijke ruimtelijke relatie met de stad leek niet alleen wenselijk, maar was in de praktijk ook al werkelijkheid. Deze ruimtelijke samenhang werd al in een vroeg stadium gerealiseerd door stadsarchitect Frans Dingemans, die voor de drie gemeenten nieuwe plannen ontwikkelde. Er werd een straat In Amby vernoemd naar deze stadsarchitect de Ir. Dingemansstraat. Deze straat werd op 26 mei 1970 in drie stukken gesplitst en hernoemd naar de Frans Halsstraat, Walburg en van Goghstraat

Ook in het dorp Amby dringt de stedelijke bouwstijl binnen

In Amby is deze ir. F. Dingemans verantwoordelijk voor de huizen aan de Westrand en de (afgebroken en vervangen) Severenflat langs de Severenstraat tussen de Westrand en Van Slijpestraat, begin jaren vijftig, dus al lang voor de annexatie. Er werden dus wel degelijk voorbeeldige uitbreidingsplannen voor en in Amby ontwikkeld, die al een stedelijk karakter gaven aan deze plattelandsgemeente. De uiteindelijke annexatie van 1970 verdubbelde bijna de oppervlakte van Maastricht en kon de verdere stadsuitbreiding van de nagenoeg volgebouwde Westelijke Maasoever verschoven worden naar de Oostelijke Maasoever. Een proces dat wat Amby betreft, ook al weer bijna zijn einde heeft bereikt.

Welkomstbrief van burgemeester Baeten Maastricht aan de inwoners van Amby