Wielerbaan, deel 3. De laatste jaren

Uit Amiepedia
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Begin 1895. Bouwen wielerbaan Amby.

In 1894 besloot de gemeente Maastricht dat zij, net zoals Sittard en Venlo, ook over een wielerbaan moest kunnen beschikken, niet binnen de gemeentegrenzen van Maastricht maar net daarbuiten, in het Geusselterbroek in Amby. Nadat de wielerbaan in 1895 was aangelegd vonden er vele (internationale) wedstrijden op die baan plaats; wereldbekende rijders hebben er gefietst. Er werd niet alleen gefietst maar ook gevoetbald en nog veel meer. De baan kende zijn ups en downs totdat in 1926 definitief het doek viel. In drie artikelen wordt aandacht gegeven aan de voormalige wielerbaan in Amby, te weten
Wielerbaan, deel 1. Het Sportterrein
Wielerbaan, deel 2. Vele activiteiten
Wielerbaan, deel 3. De laatste jaren
Het voorliggende artikel is deel 3 en gaat over de laatste jaren van de wielerbaan.

Rafeltjes

1897
Op 8 augustus 1896 werd de naamloze vennootschap Het Sportterrein opgericht met als doel het exploiteren van het in Amby gelegen sportterrein (waaronder de wielerbaan). Volgens de statuten moest zij dat doen door middel van het geven van feesten en het bevorderen van alles wat op sport betrekking heeft. NV Het Sportterrein had het terrein gepacht van de gemeente Amby.

19-7-1897. Openbare raadsvergadering gemeente Amby.

Uit verslagen van raadsvergaderingen van de gemeente Amby blijkt dat NV Het Sportterrein regelmatig steken laat vallen. In mei 1897 laat de gemeente de NV schriftelijk weten dat deze spoedig voor een behoorlijke afsluiting van het terrein dient te zorgen. Ondanks diverse aanzeggingen van de gemeente wordt er door de NV geen actie ondernomen en daarom besluit de gemeente een maand later een deurwaarder in de arm te nemen. Echter in juli verneemt de Raad dat de benaderde deurwaarder “niet genegen is tot uitvaardiging van het exploit namens den Gemeenteraad van Amby tegen de Naamlooze Maatschappij ‘het Sportterrein’.” Enkele dagen later laat wethouder Jaspar van Meerssen aan de burgemeester van Amby weten dat “in de nacht van 17 op 18 juli j.l. dertien runderen van het weiland het Geusselterbroek alhier, in ’t veld en tuinen te Limmel-Meerssen hebben rondgeloopen en schade veroorzaakt hebben.” De Burgemeester informeert de Raad hierover en deelt tevens mede dat “de Heeren van het Sportterrein zich om zoo te zeggen hoegenaam niets van de afsluiting schijnen aan te trekken.” De Raad besluit de zaak in handen te stellen van Mr. Paul Bauduin uit Maastricht. In de Raadsvergadering van 12 augustus is een schriftelijke reactie van Bauduin besproken. De inhoud van de brief van Bauduin is auteur onbekend, maar de Raad bepaalt dat “de afsluiting van het Sportterrein van stevige houten palen met puntdraad dien te zijn.”

1898
Ook in juli 1898 kwam in de Gemeenteraad aan de orde om een deurwaarder in te schakelen vanwege het sinds januari van dat jaar niet betalen van een vergoeding door Het Sportterrein. Het ging bergafwaarts met Het Sportterrein en dat was de Limburger Koerier ook opgevallen. Op 19 november 1898 stond het volgende artikel in die krant.
“AMBY, 15 Nov. De wielerbaan, het zogenaamde Sportterrein, onder onze gemeente, is in den loop van dit jaar in verval geraakt. De baan, bekend in binnen- en buitenland als een van de beste en snelste renbanen, waarop de knapste kampioenen van Europa elkaar den zegepalm herhaaldelijk betwist hebben, zij heeft in den loop van dit jaar slechts een enkele maal nog wat drukte gezien; het was, toen de ‘Maastrichtse Kettinggangers’ er een feest georganiseerd hadden. Sedert ligt ze daar, eenzaam en onbeheerd, zouden we haast zeggen, de mooie baan, die tienduizenden van guldens van aanleg en huur heeft gekost. Van waar dat verval? Onzes inziens bestaan verschillende oorzaken: De wielerwedstrijden hebben 't aantrekkelijke van 't nieuwe verloren; de baan ligt op te verren afstand aan de stad, waardoor het Maastrichtse publiek tegen een tochtje erheen opziet; de overdreven reclame, tengevolge waarvan het publiek dikwijls is teleurgesteld en dus een volgenden keer wijselijk schitterde door afwezigheid. De gebouwen veranderen ook al van bestemming. In de ververschingszaal, waar de beroemdste renners zoo dikwijls elkaars gezondheid gedronken hebben, wordt nu aanstaanden Zondag door de Vroolijke Jongens van Amby een tooneelvoorstelling gegeven: Sic tansit gloria mundi”.
Sic tansit gloria mundi is een Latijnse uitdrukking: zo gaat de glorie van de wereld voorbij.

1900-1903
In de verslagen van de Raadsvergaderingen van de gemeente Amby in de jaren 1900 t/m 1903 valt te lezen dat de huurders van Het Sportterrein regelmatig met de gemeente overhoop lagen over het betalen van de verschuldigde huur. Een verzoek van Het Sportterrein aan de gemeente om de jaarlijkse huur te verminderen met vijfenzeventig gulden per jaar werd door de gemeente op 30 april 1900 afgewezen. Volgens het verslag van de Raadsvergadering van 30 april in dat jaar vond de gemeente het kennelijk niet bezwaarlijk als de wielerbaan zou worden afgebroken. In dat verslag staat namelijk het volgende. “Verder wordt besloten de huurders van het Sportterrein te machtigen het huurcontract van af heden reeds te doen ophouden onder voorwaarde dat de huurders onmiddelijk zullen uitbetalen aan de Gemeente Amby de som van Duizend gulden, en verder het gehuurde Sportterrein in den loop 1900 onder goedkeuring van het Gemeentebestuur, in den vroegeren toestand zullen moeten terug brengen, en zal de Secretaris van het vorenstaande aan de huurders van het Sportterrein mededeeling doen.”

2-4-1903. Besluit gemeenteraad Amby over achterstallige huur.

In 1902 deed de gemeente aan Het Sportterrein het voorstel om de resterende 4 jaar in één keer te betalen (zeshonderd gulden) “met de verplichting het geheele terrein onmiddelijk in den vorige toestand terug te brengen, met andere woorden de aangebrachte speciën te ontruimen en de grond tot grasland te herschapen.”
Tot afbreken kwam het niet want in 1903 was er nog steeds sprake van verschuldigde huur waar de gemeenteraad op 2 april onder andere over zei: “…. een laatste maal aan te schrijven dat zij binnen acht dagen den achterstand wegens huur over het zevende en achtste jaar dienen aan te zuiveren, en dat zij bij verdere nalatigheid door de middelen bij de wet bepaald, tot betaling zullen worden gedwongen.”

1908. Zonder tribune

Tussen 1903 en 1908 is er kennelijk van alles fout gegaan want in de Limburger Koerier van maandag 1 juni 1908 valt te lezen dat de dag daarvoor honderden sportliefhebbers naar de wielerbaan waren gegaan “die in jaren niet meer was geëxploiteerd, doch thans, onder directie van dhr. L. Lumey te Gulpen, weer voor wedstrijden bruikbaar is ingericht. Wel miste men de afgebroken en verkochte tribune, doch langzamerhand zal ook deze leemte wel weer worden aangevuld.”

27-6-1918. Limburger Koerier. Wedstrijden verboden op 30-6-1918.

In 1913 wilde de gemeente Amby Geusselterbroek (bijna 11 hectare), waarop de wielerbaan en ijsbaan van Het Sportterrein lagen, onderhands aan de Provincie Limburg verkopen voor f 28.000,=. Provinciale Waterstaat beoordeelde dat en bracht schriftelijk advies uit aan Gedeputeerde Staten. Uit die brief blijkt duidelijk wat Provinciale Waterstaat van het terrein vindt: “op de grens van Amby en Meerssen gelegen Sportterrein van Maastricht, waarop zich eene in vervallen staat verkerende wielerbaan en eene ijsbaan bevindt. Daar de exploitatie van deze gronden als Sportterrein op een fiasco is uitgelopen zijn de daarop alsnog aanwezige werken als wieler- en ijsbaan nadelig op het rendement der gronden....(etc).” Ofschoon er in de jaren na 1913 toch allerlei wedstrijden op de wielerbaan werden gehouden was de exploitatie nog steeds geen succes. Zo werden bijvoorbeeld geplande wedstrijden op 30 juni 1918 door de Nederlandsche Wielerbond verboden totdat “voor een betere regeling en inrichting der baan is gezorgd.”

1924. Een nieuwe baan, de beste die er is

1924. Detail van bouwtekening. Tribune 1e rang met de tribune 2e rang aan de overzijde van de baan en tribune 3e rang rondom de bochten.
1924. Detail van bouwtekening tribune 1e, 2e en 3e rang.

De heer J. Visschers, een hotelhouder uit Heerlen, heeft in december 1923 de cementen wielerbaan gepacht en wil de baan weer nieuw leven inblazen. Op 3 december van dat jaar vraagt hij bij de gemeente Maastricht vergunning aan voor “het bouwen van tribunes, loodsen, buffetten, rijwielbergplaatsen, privaten en afrasteringen” op het wielerterrein aan de Geusselterweg in Amby. Op 31 december 1923 wordt de vergunning verleend en kan de aannemer aan de slag. De baan wordt opnieuw gecementeerd en ook ingericht voor wedstrijden met gangmaking met motoren. Er worden tribunes gebouwd die plaats bieden aan 1000 zitplaatsen (de tribune van 1895 had 500 zitplaatsen) en daarnaast biedt de baan plaats aan ruim 8000 belangstellenden. Rondom de bochten van de baan konden er toeschouwers staan (op de bouwtekening is dat aangegeven met ‘tribune 3e rang’). De lengte en breedte van de baan zijn onveranderd gebleven (400 m lang, 7 meter breed) en over een paardenrenbaan rondom de wielerbaan wordt niet meer gesproken. Logisch, want de tribunes stonden pal tegen de baan aan. 'Vroeger' lag de paardenrenbaan tussen de tribune en de wielerbaan. Verder werd er een ruime parkeerplaats voor automobielen en een fietsenstalling voor meer dan honderd rijwielen gerealiseerd. Op 1 april 1924 werd de baan voor wielrenners opengesteld en iedere dag werd er met motoren gereden op de baan. Volgens het Limburgsch Dagblad was de nieuwe baan een aanwinst voor de Limburgse renners en een mooie kans om in Maastricht en Heerlen beurtelings wedstrijden te houden.

11-4-1924. Burgemeester Maastricht is bij opening wielerbaan op Paasmaandag verhinderd (Albert Stevens).

Op tweede Paasdag (21 april 1924) werden de officiële openingswedstrijden gehouden. Er waren naar schatting meer dan 10.000 toeschouwers aanwezig. De burgemeester van Maastricht was door Jos Visschers, directeur van Wielerbaan Maastricht, schriftelijk uitgenodigd om de officiële opening van de nieuwe baan te verrichten, echter de burgemeester liet even daarna weten dat hij verhinderd was. Wethouder Deussen heeft de baan namens de Gemeente Maastricht geopend. Bij deze opening van de baan kreeg de oudste bezoeker een fiets cadeau. Heel voorspelbaar natuurlijk: er waren een hoop meningsverschillen over wie de oudste bezoeker was.
Iets geheel nieuws voor de meeste Limburgers was het stayer-nummer. De Limburger Koerier schreef er op 29 maart het volgende over. “Het knetteren der zware motoren als gangmakers der renners, zal de sportliefhebbers als muziek in de ooren klinken en velen zullen enkel voor dit lange afstand nummer worden aangetrokken. Tot heden is zoo iets nog niet in Limburg gegeven en wij betwijfelen dan ook niet, dat dit de grootste attractie zal blijken voor de Maastrichts wielerbaan en velen tot een bezoek zal lokken.”

11-7-1924. Limburgsch Dagblad. Voor het trainen voor de Olympische Spelen kies je de beste baan in ons land, die in Amby.

Veertien dagen later, op zondag 4 mei 1924 vonden er weer wedstrijden op de wielerbaan plaats. Na dagen van regen spraken de kranten daarna met lof over de baan in Amby: “Terwijl op de meeste andere wielerbanen, na een flinke regenbui niet meer kan worden gereden, is het cement der Maastrichtse baan, na een zondvloed van dagen, nog uitstekend berijdbaar en is er Zondag j.l. geen enkel valpartijtje voorgekomen.” Vanwege de te verwachten drukte op die zondag werden enkele dagen vooraf in dagbladen wegafzettingen aangekondigd: “De toegang tot het sportterrein zal alleen kunnen geschieden, wat voertuigen en fietsen betreft, vanaf de Rijksweg langs Nazareth en zullen beide toegangswegen langs den Ambijerweg vanaf de kerk en de school te Ambij afgesloten zijn.” De wegafsluiting betreft de huidige Severenstraat en de Heukelstraat. Het was dus weer een drukte van jewelste, net zoals ‘vroeger’.

Op 23 juli 1924 werd in Parijs de wegwedstrijd van de Olympiade verreden. Ook een Nederlands team wielrenners deed aan de Olympische spelen mee. Voordat er in Parijs gereden werd, werd er op 29 juni een oefenrit in het Limburgse heuvelland gehouden met een finish op de wielerbaan in Amby waar ook de oranje tricots werden uitgereikt. Op 13 juli werd er weer door het Nationaal Team (10 amateur-wielrenners) op de wielerbaan getraind. Dat was niet zomaar, maar omdat er nergens in Nederland een betere cementbaan bestond dan in Amby (aldus de leider van het Nationaal Team).

1925. 30-jarig bestaan

1925. Wielerbaan Amby (Katholieke Illustratie).

Ter gelegenheid van het 30-jarig bestaan van de wielerbaan werden er op 31 mei 1925 jubileumwedstrijden gehouden. In de Limburger Koerier van die tijd valt te lezen dat er maar liefst circa vierduizend toeschouwers aanwezig waren. Voordat er gefietst werd, werden enkele mensen gecomplimenteerd vanwege hun inzet, één daarvan was Harie Meijers. De Limburger Koerier bericht als volgt. “Daarna sprak dh. Telders eenige woorden tot dhr. Meyers, die dertig jaren geleden (25 Mei 1895) de Maastrichtsche kleuren vertegenwoordigde bij de openingswedstrijden, eveneens onder aanbieding van bloementuil. Harry Meyers reed daarna een eererondje, onder luide toejuichingen. Het maakte een eenigszins komischen indruk den eertijds zoo gevierden renner met een bolhoed op en een sigaar in den mond op racefiets zijn ronde te zien maken.”

1926. Het doek valt definitief

20-3-1926. De Courant. Woningbouw op de wielerbaan.
27-3-1926. Advertentieblad voor Limburg. Alles wordt verkocht.

In september 1924 besluit de Nederlandsche Wielren Bond (N.W.B.) de wielerbaan in Amby te schorsen voor het geven van wedstrijden omdat de directie van de wielerbaan de laatste tijd de financiële verplichtingen tegenover profs niet meer geheel kon nakomen. Door het slechte weer, de concurrentie en het onoordeelkundig afsluiten van contracten zou er veel geld zijn verloren. Voor het jaar erna (1925) wil de directie niet meer dan vier of vijf wedstrijden organiseren. Oud-wielrenner Harie Meijers had plannen om de wielerbaan weer in exploitatie te nemen echter in maart 1926 besluit hij daarvan af te zien. Volgens De Courant van 20 maart 1926 zal het terrein voor woningbouw geschikt worden gemaakt.
Niemand zag er kennelijk heil in om de wielerbaan in stand te houden en er een boterham mee te verdienen want op 8 april 1926 werd alles wat rondom de wielerbaan stond ter plekke verkocht. Zittribunes, staantribunes, kleedkamers, tafels, prikkeldraad, alles werd verkocht. De cementen wielerbaan bleef alleen achter en werd verpacht aan Vélo-Club Maastrichtsche Kettinggangers die de wielerbaan in exploitatie wilde nemen. Ofschoon het de bedoeling was om op 2e Pinksterdag een wielerwedstrijd op de baan te houden is er die dag niet gefietst. De ‘Kettinggangers’ waren in het bezit van de benodigde aandelen echter door zeer sterke tegenwerking van de vorige exploitanten van de baan en door oud-wielrenners is de poging om de wielerbaan weer in exploitatie te nemen niet gelukt. De baan is daarna jarenlang in het terrein blijven liggen, maar er werden geen wielerwedstrijden meer op gehouden.
Vlak in de buurt, in Heer, kwam in 1932 een houten wielerbaan (qua omtrek de helft van de baan in Amby, 200 meter) die eveneens niet lang leefde, slechts vijf jaar. In 1937 werd die baan afgebroken en verkocht aan Valkenburg. De firma Schols uit Amby heeft met meerdere vrachtautoritten al het houtwerk naar Valkenburg vervoerd. Ook in Valkenburg was de baan vrij snel verdwenen: in 1941.

Wielrenners van Amby

Op de wielerbaan in Amby hebben uiteraard ook Ambyse wielrenners gereden. Een complete lijst van namen is auteur onbekend maar van ‘recente datum’ zijn de volgende wielrenners bekend: Aerts (1924 en 1925), S. Boesten (1924), B. Koumans (1924 en 1925), G. Frails (1924), H. Romans (1924) P. Roumans (1924), Th. Roumans, H. Sour (1924), Van Wiers (1924), G. Vreuls (1924 en 1925), o.v.b. van eventuele spellingsfouten; de namen zijn overgenomen uit dagbladen.
Met G. Frails zal naar alle waarschijnlijkheid Giel Vreuls zijn bedoeld. Niet alleen Giel Vreuls maar ook zijn broer Jeu uit Amby was wielrenner. Voor zover bekend heeft Jeu niet op de wielerbaan in Amby gereden; wel op de wielerbaan in Heerlen. J.H. Franssen uit Amby heeft in 1923 aan diverse wegwedstrijden deelgenomen die in de omgeving van Heerlen plaatsvonden. P. Roumans betreft naar alle waarschijnlijkheid Peter Roumans (of Roemans). In 1917 trof Peter het vreselijke lot dat zijn vader om het leven werd gebracht bij 't Pötsje (v.m. Gieskensputweg); zie moord in 't Pötsje.
In 1925 kwam er voor de wielrenners in Amby meer leven in de brouwerij. Er werd in dat jaar een wielerclub opgericht luisterend naar de naam ‘De Pedaaltrappers’. Geen baanwedstrijden maar diverse wegwedstrijden werden door deze club georganiseerd waarbij, voor zover bekend, de volgende Ambyse mannen aan deelnamen: P. Aarts (1925), Ramaekers (1925), A. Roemans (1925), Roermans (1925) en Schrijvers (1925), o.v.b. van eventuele spellingsfouten; de namen zijn overgenomen uit dagbladen.
Twee jaar na oprichting, op 28 maart 1927, organiseert De Pedaaltrappers een betrouwbaarheidsrit en adverteert daarmee in de krant. Daarna wordt in de kranten niets meer over de wielerclub vermeld.

De Pedaaltrappers

De Pedaaltrappers was een wielerclub uit Amby die op Paasmaandag, 13 april 1925, haar eerste wegwedstrijd organiseerde. De wedstrijd ging over 60 km en er waren 21 deelnemers, waaronder Giel Vreuls uit Amby die als tweede de finish passeerde in 1 uur, 56 minuten en 1 seconde. In de krant lezen we “Aan G. Vreuls als eerste aankomende renner van Amby, werd nog een speciale prijs geschonken.” Giel Vreuls fietste niet onverdienstelijk. Zo deed hij mee aan een door De Pedaaltrappers georganiseerde wedstrijd die op 4 achtereenvolgende zondagen plaatsvond waarbij de winnaar een racefiets zou ontvangen. Op 14 juni 1925 won Giel Vreuls deze fiets.

24-8-1925. Limburger Koerier. Aankondiging wegwedstrijd 45 km en diverse wedstrijden in feestweide Damoiseaux, Hagenhof op 30 augustus 1925.
4-9-1925. Limburger Koerier. Uitslag wegwedstrijd 45 km op 30 augustus 1925.

Wielerclub De Pedaaltrappers organiseerde ook feesten zoals op 30 augustus 1925. Op die dag waren behalve een wegwedstrijd (betrouwbaarheidswedstrijd) ook diverse grasbaanwedstrijden (ook wel weidewedstrijden genoemd) georganiseerd in de ‘feestwei’ van de heer H. Damoiseaux (Hagenhof/Tiendschuur). Van de wedstrijd over de weg worden een paar dagen later in de krant de prijswinnaars vermeld. Op diezelfde dag vonden er in de feestwei van Damoiseaux ook diverse grasbaanwedstrijden plaats, te weten sprintwedstrijden (1 km), koppelwedstrijden (15 km), achtervolgingswedstrijden (6 km) en een lange-afstandswedstrijd (10 km). Daar is dus behoorlijk gefietst, maar in de krant vind je alleen maar terug dat het feest "mooi geslaagd mag heeten"; geen uitslagen helaas. Het was kennelijk een succes want het jaar daarna, op 25 juli 1926, werd volgens de krant de wei van Damoiseaux weer voor één dag als feestwei omgebouwd voor grasbaanwedstrijden. Zo valt er te lezen “om 2 ½ uur bijeenkomst café Duijkers, 3 ½ uur optocht waaraan de Harmonie St. Walburga, meerdere vereenigingen en amateurs nieuwelingen en adspiranten deelnemen. Vanaf de school wordt getrokken naar de feestweide, waar de wedstrijden een aanvang nemen.”
Grasbaanwedstrijden waren in die tijd erg populair en eenvoudig om te organiseren. Je hebt geen wielerbaan of openbare weg nodig (met het risico dat er onderweg politiecontroles zijn); een grasveld of weiland is voldoende. Met paaltjes werd een ellips in een weiland uitgezet en daarmee was het wielerparcours in feite gereed. Tussen de paaltjes werd een lint gespannen voor het publiek en op een platte wagen stond een tafel voor de jury die de finish daardoor goed kon beoordelen. In heel veel dorpen en gemeenten werden dit soort wedstrijden door wielerclubs, maar ook door heel andersoortige verenigingen, georganiseerd. Vaak werd de baan pas ’s avonds vóór de wedstrijd uitgezet en de dag na de wedstrijd graasde de koeien weer vreedzaam in het weiland.

2016. De Wielerbaan, terug van weggeweest

13-5-1963. E9 (A2) loopt over een deel van de voormalige wielerbaan.
1995. Voormalige wielerbaan Amby. Op de achtergrond de A2 en flat aan de Kasteel Neuborgweg (Jo Hendriks).
29-10-2011. Restanten wielerbaan op werkterrein van de Groene Loper (C. van den Ende).
2-6-2025. De Wielerbaan terug van weggeweest (C. van den Ende).

Door de aanleg van de autoweg E9 (huidige A2) halverwege de 20e eeuw lag de wielerbaan indertijd letterlijk ‘in de weg’ met als gevolg dat het deel waar het E9-tracé overheen voerde geheel werd gesloopt. Naar verluidt heeft ons leger in de mobiliteitsjaren 1938-1939 in de noordelijke bocht van de wielerbaan twee mitrailleursnesten gemaakt. Of van hieruit ooit schoten zijn gelost is auteur onbekend. Ook deze mitrailleursnesten zijn uiteraard gesloopt en opgeruimd. Het deel van de wielerbaan dat niet voor de E9 in de weg lag bleef onaangeroerd liggen. Waar in vroeger jaren de wielerbaan van Amby had gelegen was in het landschap door de ellipsvormige bodemophoging duidelijk zichtbaar. Vele jaren later werd besloten dat de A2 in Maastricht een tunnel nodig had. De nog overgebleven restanten van de wielerbaan lagen op het terrein dat in 2011 en 2012 hard nodig was om als werkterrein en opslagplaats te dienen bij het bouwen van de A2-tunnel en de verbreding van de A2. Dat betekende het absolute einde van de nog aanwezige restanten van de wielerbaan. Alles werd uiteraard gesloopt en in de tijd daarna veranderde het terrein in een ‘opgeruimd’ werkterrein en opslagplaats waar eveneens de Groene Loper van Amby naar Nazareth werd aangelegd. Deze Groene Loper kruist de autosnelweg met een fiets-/wandelviaduct dat de naam ‘Wielerbaan’ heeft gekregen. Vanaf de Groene Loper is die naam aan de zijkant van het viaduct te zien en ook te lezen als je hele goede ogen hebt. Op 8 april 2016 ging het viaduct definitief open voor voetgangers en fietsers. Deze opening werd feestelijk gevierd op zondag 22 mei 2016 met een fiets- en wandeltocht over het eerste stukje landelijke Groene Loper tussen de Severenstraat en Buitenplaats Vaeshartelt. De Wielerbaan van Amby is sindsdien weer terug van weggeweest.

Bijzonder

Politie
Onder vrij grote belangstelling vond op 19 oktober 1924 door het heuvelachtige terrein van Zuid-Limburg een betrouwbaarheidswedstrijd over de weg plaats waarbij de finish op de wielerbaan in Amby was. Een betrouwbaarheidswedstrijd was een wedstrijd over de weg die door de overheid werd toegestaan als uitzondering op het algemene standpunt van de overheid: wielerwedstrijden op de openbare weg zijn verboden. Het parcours van de wedstrijd was officieel akkoord bevonden, dus niets aan de hand zou je zeggen. Uit een bericht van de Limburger Koerier blijkt iets anders: “Aangezien de renners bij aankomst op de Wielerbaan nog 2 ronden moesten afleggen, was de spanning zeer groot. Zooals gewoonlijk, hebben de renners wederom moeilijkheden ondervonden door de politieaanhoudingen.” Het kwam vaker voor dat je als wielrenner onderweg door een controlerende politieagent of veldwachter staande werd gehouden omdat de betreffende diender veronderstelde dat er tegen de landelijke verbodsregels in op de openbare weg aan een wedstrijd werd deelgenomen. Dus: stoppen, afstappen en aantonen waarom je daar mag fietsen. Je zult maar voorop liggen. Er hadden zich 20 renners ingeschreven en de wedstrijd vond in twee series plaats. Van de eerste serie was de uitslag als volgt: H. Franssen, Heer (1e prijs), Aerts, Amby (2e prijs), H. Romans, Amby (3e prijs). Van de tweede serie was de uitslag: S. Piters, Eijsden (1e prijs), Kil, Sittard (2e prijs), G. Vreuls, Amby (3e prijs).

15-9-1924. Limburger Koerier. Betrouwbaarheidswedstrijd op 14-9-1924.
14-2-1925. Advertentie in De Limburger. Misschien was het woord hometrainer nog niet bekend bij de letterzetter van De Limburger.

Maar 't kan nog extremer. Een maand eerder, op 14-9-1924, vond een betrouwbaarheidswedstrijd plaats met de wielerbaan Heerlen als finish. De volgende dag stond in de Limburger Koerier: “De rit is met vele moeilijkheden gepaard gegaan. Op een achttal plaatsen werden de renners door de marechaussée aangehouden waardoor het mooie van den strijd geheel verloren ging.” Voordat die wedstrijd begon werden eerst de namen van de wielrenners door de veldwachter gecontroleerd. Bij die controle ging het mis: een renner werd door de hond van de veldwachter in zijn been gebeten. En dan moet de wedstrijd nog beginnen.

Amby vertelt

G. Vreuls en J. Vreuls, zoals genoemd in de kranten, betreffen de broers Giel en Jeu Vreuls. Beiden zijn een broer van Frens Vreuls, de vader van Jean Vreuls uit Rothem. Jean Vreuls vertelt het volgende.
Volgens zijn vader was Giel helemaal gek van wielrennen, niet alleen op grasbanen maar ook op de wielerbaan. Trainen, trainen en nog eens trainen. Allemaal in zijn vrije tijd, naast zijn gewone werk. Het ging zóver dat Giel op zekere dag bewust met zijn hand langs een muur schuurde zodat hij schaafwonden had. Waarom? Dan kon hij tegen zijn baas zeggen dat hij niet kon komen werken. Wat hij niet tegen zijn baas zei, was dat hij dan extra veel tijd had om te kunnen trainen voor wielerwedstrijden.
Jeu, een stuk jonger dan Giel, was even fanatiek in fietsen. Het is wel eens voorgekomen dat hij niet aan een betrouwbaarheidsrit (wegwedstrijd) kon deelnemen maar wel op zijn klompen en een 'gewone' fiets bij het langskomende peloton aanhaakte. Foto’s over Giel en Jeu heeft Jean niet; "daarvoor moet je bij Yvonne van Holten zijn".

9-6-1924. Wielerbaan Amby met Giel Vreuls in het midden; zijn fiets wordt vastgehouden door de man met zwarte hoed (Yvonne van Holten-Dolmans).
Omstreeks 1975. Giel Vreuls op latere leeftijd (Yvonne van Holten-Dolmans).

Yvonne van Holten-Dolmans is de dochter van Tiny Dolmans-Vreuls die de dochter was van Giel Vreuls. Yvonne vertelt het volgende.
Giel is geboren in ‘de Pin’ in Amby, de huidige Ambyerstraat Noord 180. Naderhand is hij naar Rothem verhuisd, Holstraat 43, waar hij samen met zijn vrouw Gertruda Honée aan huis een bloemisterij had. Over de periode dat Giel gefietst heeft, kan Yvonne geen informatie aanleveren, maar zij is eind november 2025 wel iets verrassends tegengekomen. Toen zij uit het juwelenkistje van haar overleden moeder enkele kettinkjes in handen had met de bedoeling om die zelf te gaan dragen kwam ze een opgevouwen stukje krant tegen. Verbazing en nieuwsgierigheid sloegen toe. “Waarom zou mam dit bewaard hebben?” Al gauw werd duidelijk waarom. Het betrof een foto van wielrenners op de wielerbaan in Amby op pinkstermaandag, 9 juni 1924. Het kan niet anders dan dat haar vader Giel op die foto staat. Waarom zou ze anders een foto van wielrenners in haar juwelenkistje bewaren? De krantenfoto werd vergeleken met een andere foto van Giel (weliswaar op veel latere leeftijd) en al gauw werd duidelijk dat Giel als jonge wielrenner op de foto stond. Yvonne was duidelijk: “die wielrenner in het midden die vastgehouden wordt door die man in het zwarte pak, dat is opa”.

Woning Jeu Vreuls, IJzerenkuilenweg 21 (links) is in 2023 gesloopt (Google Maps).

En dan Jeu. Over de periode dat Jeu gefietst heeft, heeft Yvonne geen informatie. Jeu was een stuk jonger dan Giel, eeuwige vrijgezel en was 'onbezoldigd veldwachter'. Dat hield in dat hij op de hei de zaken in de gaten moest houden zonder dat hij processen verbaal mocht geven. Thuis had Jeu meerde hokken waarin fretten zaten waarmee hij konijnen op de hei ving (fretteren heet dat in vakjargon). Als jager had hij ook meerdere geweren in huis. Hij woonde in bij een familie die naast de familie Smeets woonde aan de IJzerenkuilenweg 23. De woning waar Jeu woonde (nummer 21) is in 2023 gesloopt.

Bernard Koumans, is de vader van Suzy en Margot, beiden woonachtig in Amby. Suzy weet dat haar vader in de jaren 20 van de vorige eeuw op de wielerbaan in Amby gekoerst heeft, maar ze heeft jammer genoeg geen tastbare dingen die aan die periode herinneren. Haar vader woonde als jonge vent met zijn ouders aan de Statensingel. De ouders van Bernard hadden een slagerij in de Spilstraat. Vanaf dat hij getrouwd was met Mia Hermans woonden zij beiden in de woning van Mia, Heukelstraat 39. Jaren later zijn ze in de Frans Halsstraat gaan wonen. Wat Suzy wél weet is dat haar vader vanwege zijn fietsprestaties vaak in de krant stond. En dat bleek te kloppen. Bernard heeft in 1924 en 1925 op de wielerbaan in Amby wedstrijden gereden en heeft daarna, jarenlang, eigenlijk niet of nauwelijks gefietst totdat de wielerbaan in 1932 in Heer werd opengesteld. De Limburger Koerier van 30 november 1933 verwoordde het als volgt: “De baan te Amby, de kweekschool van zooveel jonge renners, was getuige van zijn eerste successen (van Bernard, aut.). Als zestienjarige nieuweling won hij daar alle wedstrijden. Doch met die baan in Amby was het, zooals iedereen weet, een treurige geschiedenis. Wandelaars in de omgeving van Maastricht kunnen die baan of wat er overbleef, nog zien liggen, als een soort misplaatste duinpan, een zonderlinge speling der natuur. Van die speling der natuur, die te Amby mislukken deed wat te Heer jaren later zoo succesvol slagen zou, werd ook onze Koumans de dupe en toen de Ambyer-baan stil ging liggen, kwam ook de jonge Maastrichtse coureur stil te liggen en zes jaar lang liet hij de renfiets aan den spijker hangen. De baan in Heer bracht nieuw leven in de rennerswereld en ook Koumans beklom andermaal het stalen ros en het ging ook ditmaal, zooals iedereen weet weer perfect. En het ware overbodig hier al zijn successen nog eens op te halen. Zij nog even in herinnering gebracht dat hij met zijn stadgenoot Prick menige ploegkoers - waren het er geen tien? - gewonnen heeft.”

23-7-1934. Limburger Koerier, foto Bernard Koumans.
21-7-1934. Limburger Koerier, Koumans en Zesdaagse Londen.

Een lief briefje voor Bernard
In de periode dat de wielerbaan in Amby bestond heeft Bernard Koumans er vaak gefietst en kom je in de kranten meerdere keren zijn naam in wedstrijdverslagen tegen. Op zich niets bijzonders. Toch is er ook een bijzonder artikel over Bernard uit 1934. Het heeft geen betrekking op de wielerbaan in Amby maar op de periode dat hij veel op de wielerbaan in Heer en andere plaatsen fietste nadat de wielerbaan in Amby niet meer bestond.
Bernard had zich samen met vier andere Limburgers ingeschreven om aan de Zesdaagse van Londen mee te doen. Van 16 t/m 21 juli 1934, zes dagen en nachten fietsen op de wielerbaan Olympia-hall in Londen. In een artikel in de Limburger Koerier van 21 juli 1934 valt te lezen dat Bernard vooraf zijn “overhempies en zijn boordjes ter verfrissching naar een daarvoor bestemd instituut” stuurde en dat hij de was terugontving met een begeleidend briefje van een “Maastrichtse schoone”. Het artikeltje is het lezen zeker waard.

Bernard kon de 6-daagse wedstrijd niet uitrijden aangezien hij op dinsdag, de tweede dag van de wedstrijd, bij een valpartij zijn schouder brak. Ondanks dat hij een half uur met gebroken schouder heeft gefietst, moest hij die dag opgeven.

Albert Stevens

Een van de informatiebronnen die auteur geraadpleegd heeft is Jo Hendriks uit Valkenburg aangezien hij in 1999 een ‘boekje’ heeft geschreven over de wielerbaan in Amby. Het begin van dat boekje is heel duidelijk: “Deze ‘Historie’ werd bij elkaar ‘geharkt’ door dhr. Albert Stevens, Maastricht, in 1987 en 1988.” Albert Stevens blijkt als gepensioneerde NS’er uit Limmel een speurneus te zijn geweest naar de feiten van de wielerbaan in Amby. Wat hij tegenkwam schreef hij op in het Maastrichtse dialect en daarnaast wist hij via via ook nog diverse foto’s van de wielerbaan te achterhalen. Hij was niet alleen een belangrijke bron voor Jo Hendriks maar ook voor de ‘Maaspost’ die in 1995 met drie artikelen ruimschoots aandacht aan de wielerbaan besteedde in de rubriek ‘Kroniek vaan Mestreech’ (onder verantwoordelijkheid van De Veldeke Kring Mestreech). Het is informatie die in dit artikel dus niet mag ontbreken.

11 oktober 1995. Kroniek vaan Mestreech. Deel 1 (gedeeltelijk) van het 3-delige feuilleton over de wielerbaan in Amby (No Goessens).
Door Albert Stevens geschreven tekst (gedeeltelijk) die in deel 1 van de Kroniek vaan Mestreech werd overgenomen (Albert Stevens).

In de Kroniek vaan Mestreech van 27 september 1995 laat de redactie van de Maaspost het volgende weten. “Ons Veldeke-lid, de heer Albèr Stevens, speelde als kind op de oude wielerbaan van Amby. Iets dat hij zich toen nauwelijks realiseerde, maar in de loop van de jaren ging de baan hem steeds meer interesseren. Na zijn pensionering kreeg hij tijd om goed uit te zoeken wat deze baan voor de wielersport heeft betekend. Dat leverde een alleraardigst verhaal op dat leuke details bevat over het leven in de stad Maastricht rond de eeuwwisseling. En de heer Albèr Stevens schreef het in de Mestreechter taol. De redactie is er zo door gecharmeerd dat we graag ingaan op zijn aanbod dit werkstuk in feuilletonvorm te publiceren. We beginnen er de volgende week mee.”

De tekst die Albert bij de redactie aanleverde beslaat vele pagina's die lang niet allemaal in de Maaspost gepubliceerd konden worden. In het boekje van Jo Hendriks zijn wél alle pagina's overgenomen. Op pagina 66 van dat boekje kom je iets aardigs tegen. Halverwege die pagina is een foto opgenomen van acht wielrenners die aan de start staan op de wielerbaan van Amby. Op de foto is met een pen aangegeven wie de 1e, 2e en 3e prijs in de wedstrijd heeft gewonnen.

Wielerbaan Amby 1924 of 1925 met aanduiding van de wielrenners 1e, 2e en 3e prijs (Albert Stevens).
Door Albert Stevens geschreven tekst die in het boekje van Jo Hendriks is overgenomen (Albert Stevens).

De tekst die op de eerste helft van de bladzijde aan de foto voorafgaat is de letterlijke tekst die Albert heeft opgeschreven, maar de tekst die direct ónder de foto staat kom je niet tegen in het door Albert geschreven verhaal.
Direct onder de foto staat "Start finale afvalwedstrijd nieuwelingen, van links naar rechts: Leenders, Pieters, Hayen, v.d. Heijden, Bern Koumans, Joep Franssen, Dirrix en Ger Prick. Deze laatste werd winnaar voor Bern Koumans en derde werd Dirrix."
Bern Koumans (Bernard Koumans) zou dus tweede zijn geworden. In krantenartikelen van 1924 en 1925 staan vele uitslagen vermeld maar deze uitslag is auteur niet tegengekomen. Waar komt die uitslag dan vandaan?

Achterkant foto wielerbaan Amby 1924 of 1925. Bern Koumans 2e prijs (Albert Stevens).

De vermelde uitslag is overgenomen uit de achterkant van de foto. Albert Stevens heeft namelijk op de achterkant van de foto de namen getypt van de gefotografeerde acht wielrenners én de uitslag van de wedstrijd. Wat eraan ontbreekt is de datum van de wedstrijd. Op de een of andere manier is het hem kennelijk niet gelukt om het jaartal van de wedstrijd te achterhalen maar de uitslag van de wedstrijd wel. Ook in het boekje van Jo Hendriks staat geen datum van de wedstrijd vermeld.
Hoe dan ook, feit is dat Suzy Campisi-Koumans, de dochter van Bernard Koumans, haar vader op de foto herkent (nov. 2025) en dat er bij de betreffende wedstrijd veel toeschouwers langs de wielerbaan in Amby stonden.
In het interview met Suzy werd door haar aangegeven dat haar vader het heel vaak had over wielrenner Prick. Haar vader had in zijn fietscarrière kennelijk veel met hem van doen gehad. Uit wedstrijdverslagen blijkt dat Ger Prick in die tijd een talentvolle renner was die vele wedstrijden won. Verder blijkt dat zijn broer Guill ook aan baanrennen deed en eveneens menig malen een prijs in de wacht sleepte. Albert Stevens heeft in zijn onderzoek naar de wielerbaan van Amby foto's op de kop getikt waar deze renners poseren op de wielerbaan van Amby.

15-6-1924, koppelwedstrijd op de wielerbaan Amby. Winnaars Ger Prick (l) en Wijnands (r) (Albert Stevens).
Augustus 1924. Ger Prick, kampioen sprint op de wielerbaan Amby (Albert Stevens).
1925. Guill Prick (17 jaar) op de wielerbaan Amby (Albert Stevens).

Jean Gordijn

In de Limburgse wielersport is hij geen onbekende: Jean Gordijn, de schoonvader en opa van respectievelijk de coiffeurs Ed en Roger Wintjens uit Amby. Ex-wielrenner Jean Gordijn had in mei 1999 (hij was toen 88 jaar oud) een interview met Bennie Ceulen en daar verscheen op 8 mei 1999 een mooi stuk over in het Limburgs Dagblad. Ofschoon Jean nooit op de wielerbaan in Amby gefietst heeft (zijn loopbaan begon omstreeks 1928, Amby was al een paar jaar niet meer in gebruik) krijgt de wielerbaan in Amby ruimschoots de aandacht in het artikel. De vele feiten die in de krant staan, zijn her en der in dit artikel (of in eerder verschenen artikelen over de wielerbaan, delen 1 en 2) verwerkt, maar één passage niet en is gewoon leuk om te weten. Gordijn stroopte jarenlang in het zuiden de wielerbanen af en tegen het Limburgs Dagblad vertelt hij daarover het volgende.

8-5-1999. Jean Gordijn vertelt over de wielerbaan in Amby. De verhogingen op de achtergrond zijn de restanten van een van de bochten van de wielerbaan. Links bovenaan enkele auto's op de A2 (Frits Widdershoven).

"Auto's waren er amper. Dus moest je als renner op de wegfiets naar de vélodrômes gaan. Met het baanframe en de wielen op de rug gebonden en de tas op het stuur. Weet je dat ik op de fiets naar de zesdaagse van Keulen en Brussel ging kijken? Ik was niet de enige. Ooit trok Pol Castermans mee naar Keulen. Op de terugweg, 's zondags vroeg in de ochtend, bedacht ik me dat we naar de kerk moesten. In Jülich stapten we af. Tijdens de heilige mis hoorde ik plotseling een harde slag naast me. Pol Castermans lag naast zijn kerkstoeltje op de grond. Hij was in slaap gevallen. Pol leeft nog. Hij is nu vooraan in de negentig."



Zie ook