De oude Meisjesschool van bouwmeester Cuypers

In het artikel De eerste meisjesschool van Amby lazen we dat de uit Frankrijk verdreven zusters Filles de la Sagesse enkele jaren een meisjesschool bestierden in de Hagenhof in de Hagenstraat. In april 1906 verlieten de Franse zusters Amby. Hun schooltje was te klein geworden en in het toenmalige Kerkstraatje (de latere Kloosterstraat en nog latere Longinastraat) werd ruimte gevonden voor een nieuwe school. De school die nu nog bekend staat als de ‘’aw meidsjessjaol’’ oftewel De oude Meisjesschool. Dat dit niet ‘zomaar’ een gebouw is blijkt uit speurwerk in de archieven. Een wel heel bekende architect ontwierp de school en het klooster op zijn tekentafel…

De aw meidsjessjaol anno 2022
Zijgevel meisjesschool


Wat eraan vooraf ging

In Frankrijk en Duitsland (de Kulturkampf) werden eind 19e eeuw verschillende kloosterorden verdreven. Zij zochten hun toevlucht in o.a. het katholieke deel van Nederland en België. De komst van deze kloosterorden zorgde voor heel wat consternatie bij ons protestantse landsbestuur in Den Haag. Men vertrouwde deze kloosterlingen niet, al helemaal niet omdat zij hier onderwijs kwamen geven terwijl ze er niet bevoegd toe waren. Vanuit het katholieke deel van Limburg was er echter wél draagvlak en de verdreven kloosterlingen kwamen hier in een warm bad terecht. In veel dorpen en steden werden katholieke scholen en ziekenhuizen gesticht door de nonnen en paters. Na een lange strijd met veel ‘mitsen en maren’ werden de nieuwe kloosterordes door het Rijk getolereerd en uiteindelijk, in 1905, kregen deze katholieke scholen zelfs een tegemoetkoming in de personeelskosten vanuit het Rijk. Een schamele subsidie, maar het was naast het geldbedrag ook een stukje erkenning dat deze kloosterorden er mochten zijn én blijven. Ongetwijfeld was dit de opstap tot een volwaardige katholieke school voor meisjes in Amby. Er was immers al een paar jaar katholiek onderwijs voor meisjes in Amby maar zij zaten gehuisvest in de ‘remise’ van de Hagenhof. Een tijdelijke situatie die niet wenselijk was voor de lange termijn. De tijd was rijp voor een nieuwe school. Groots, statig en katholiek. Het door-en-door katholieke zuiden had zich hervonden en straalde dit ook steeds meer uit, o.a. door de oprichting van scholen, ziekenhuizen, broederschappen, etc. In eerste instantie ging men er vanuit dat de “Dochters der Wijsheid” (ofwel Les Filles de la Sagesse) een nieuwe school zouden oprichten. Zij gaven hier immers al les. Dit ging echter, om onbekende redenen, niet door en de nieuwe meisjesschool, met kleuterschool, zou in 1906 gesticht worden door een nieuwe kloosterorde: de Franciscanessen van het H. Hart Joseph uit Valkenburg.

 
In februari 1906 maakt de krant melding van het aanstaande vertrek van de zusters “Les Filles de la Sagesse” (uit de Hagenhof) en de komst van nieuwe nonnen.

De Franciscanessen

De congregatie werd in 1867 gesticht door Elisabeth Kuborn in Schweich (bij Trier). Vanwege de eerder genoemde Kulturkampf in Duitsland verhuisden negen zusters in 1877 naar Nederland, waar ze een huis in Beek-Elsloo (L.) kochten en een bewaar-, naai- en zondagsschool openden. Omstreeks 1885 vertrokken ze naar Valkenburg. In 1939 kreeg de congregatie haar huidige officiële naam: de Franciscanessen van de H. Jozef. Verder staan ze ook bekend als Zusters van Valkenburg of Zwarte Zusters.

Oprichting van de meisjesschool

In 1905 koopt het kerkbestuur van Amby twee naast elkaar gelegen landbouwpercelen aan de Longinastraat van de erfgenamen familie Koekelkoren-Hamers en van burgemeester Augustus Hennus. De locatie zou zich uitstekend lenen voor een nieuwe kloosterschool. Deze straat was toen nog een landweg waar slechts vier woningen aan lagen. Maar het kerkbestuur had waarschijnlijk een vooruitziende blik en zag dat deze straat in rap tempo werd volgebouwd. De locatie was snel geregeld; nu nog de opstallen. Maar ook dit verliep voorspoedig. Een grote financiële gift van de pastoor van Amby zal hier ongetwijfeld bij geholpen hebben.

 
Aanhef van de ‘kadastrale legger’ van het kerkbestuur van Amby, waar nog heel ouderwets de ‘kerkfabriek’ (kerkbestuur) wordt genoemd. Bij het Kadaster hadden ze blijkbaar moeite met de naam Walburga of Walburgia. In deze ‘legger’ volgde een opsomming van grondbezit van de kerk, waaronder de landerijen aan de Kloosterstraat.
 
Bebouwing aan de Longinastraat in de periode tot 1910. Beneden het kruispunt bij de kerk. De school met het klooster (halverwege in het midden) ligt dan nog vrij in het veld.

In 1905 heeft moeder overste een afspraak met de architect en geeft hem een opdracht: “Ontwerp een lagere school voor meisjes, inclusief een bewaarschool (kleuterschool) in combinatie met een kapel en klooster voor de onderwijzeressen en zusters”. Op de vraag van de architect naar de randvoorwaarden waaraan het pand moet voldoen, wordt er een lijstje opgesteld waarmee de architect aan de slag kan:

- Er moet in de lagere school plaats zijn voor circa 60 meisjes - Twee lokalen en dependenties (bijgebouwen?) - Twee lokalen voor de bewaarschool waar plaats moet zijn voor circa 80 kinderen - Klooster voor 12 zusters - Kapel met sacristie - Refectorium (eetzaal) - Recreatiezaal - Keuken en bijkeuken - Kelder - Slaapzaal - Kamer voor Moeder Overste - 1 Spreekkamer - 1 logeerkamer - 2 kamers voor de onderwijzeressen met logeerkamer (zij hadden een eigen woonruimte omdat zij geen deel uitmaakten van het klooster)

Hij beloofde een prachtig ontwerp en met zijn jarenlange ervaring in het ontwerpen van kerkelijke en andere religieuze gebouwen, wist hij als geen ander waarover hij sprak. Deze man was immers niemand minder dan de befaamde architect Pierre Cuypers.Hij was dé toonaangevende architect van de belle époque (periode eind 19e, begin 20e eeuw), zeker in het katholieke zuiden.

Pierre Cuypers

Maar wie was die Cuypers eigenlijk? In 1827 werd hij geboren te Roermond. Hij was dus al op hoge leeftijd toen hij in 1905 in Amby de opdracht binnenhaalde. Cuypers was gefascineerd door de gotische stijl, die voor hem gelijk stond aan de gloriejaren van het katholieke geloof. Hij bestudeerde deze middeleeuwse bouwstijl en paste deze toe in zijn ontwerpen op een nieuwe, pure manier. Dit leidde tot de ‘neogotiek’, een symbool voor de herrezen katholieke kerk zo grofweg tegen het einde van de 19e eeuw. Hoewel veel niet-katholieken er op neerkeken, werd Cuypers immens populair, óók in het protestantse deel van Nederland. Dat blijkt wel uit het feit dat hij opdrachten kreeg voor het centraal station en rijksmuseum in het protestantse Amsterdam. Overigens niet zonder protest. Het bleef toch een katholieke Limburger. Het meest was hij een ‘kerkenbouwer’, Maar liefst 100 kerkgebouwen tekende hij uit, waarvan er ongeveer 70 daadwerkelijk werden gebouwd. Daarnaast was hij door zijn ongelooflijke kennis van de gotiek een veelgevraagde restauratiearchitect. In feite was hij zijn tijd, samen met enkele andere vakgenoten, ver vooruit en stond hij aan de wieg van het restaureren van gebouwen. Tot dan toe werden oude gebouwen die onderhoud nodig hadden vooral gerenoveerd (vernieuwd) en werd er weinig aandacht geschonken aan het behouden of herstellen (restauratie) ervan. Zijn rivaal, architect Charles Weber was ook een bekende naam, maar meer behoudender in zijn werk en als persoon. De kerk in Amby is van de hand van deze architect.

 
Foto van Pierre Cuypers aan het werk in 1905. Deze foto werd gemaakt in de tijd dat hij de meisjesschool ontwierp. Wie weet was hij hier bezig de contouren van dit gebouw op papier te zetten…

Tot in 1914 bleef Cuypers actief tekenen. Hij was toen 87 jaar oud! Hij sloot zijn ogen in 1921. Overigens bestaat ook nog de mogelijkheid dat de kloosterschool ontworpen werd door zijn zoon Joseph Cuypers, die sinds 1894 de leiding had overgenomen van het architectenbureau van zijn vader. Dat is bij veel ontwerpen uit deze periode niet met zekerheid te zeggen. Toch gaan we er vanuit dat Pierre Cuypers het gebouw ontwierp. Het Nieuwe Instituut, beheerders van het Cuypers archief, hebben zijn naam aan dit ontwerp gekoppeld.

 
Voorzijde kaft van het complete werk van P.J.H. Cuypers

Een verloren gewaande Cuypers?

Het archief van Cuypers is goed bewaard gebleven. Hierdoor is ook een aantal bouwtekeningen bewaard. Het is best wel vreemd dat niemand lijkt te weten dat de Aw Meidsjessjaol ontworpen is aan de tekentafel van deze grootse architect. Ook bij de gemeente Maastricht, afdeling monumentenzorg, is dit niet bekend, evenmin als bij het Cuypers Museum in Roermond. Zelfs bij het Nieuwe Instituut dat het archief van Cuypers beheert weet men niet waar dit gebouw staat of stond. Wel werd er verwezen naar een prachtig kolossaal boek waarin alle opdrachten van Cuypers zijn gebundeld: “P.J.H. Cuypers (1827-1921), het complete werk”. What’s in a name? Maar ook na raadpleging van dit boek werden we niet wijzer. De opdracht voor de zusterschool in Amby wordt erin vermeld, maar in tegenstelling tot alle andere ontwerpen die in dit boek zijn opgenomen ontbreekt een specifiek adres bij dit ontwerp. Het lijkt er sterk op dat ook de auteurs van dit levenswerk niet wisten of het pand nog bestond of dat het überhaupt gebouwd was. Ten slotte is de inventarisatie die is uitgevoerd ten behoeve van het bestemmingsplan voor Amby geraadpleegd. Hierin is elk pand met enige cultuurhistorische waarde beschreven. U raadt het al, de meisjesschool ontbreekt hierin volledig.

Om de een of andere reden is de kloosterschool in de vergetelheid geraakt. Hoog tijd om dit recht te zetten. Dit is zover bekend het enige pand van Cuypers’ hand in Amby. Een unicum!

Het ontwerp

 
Blauwdruk van het ontwerp van de ‘zusterschool met kapel te Amby’.
 
Plattegrond ontwerp.

Op de plattegrond zien we dat aan de wensen is voldaan. Aan de straatzijde was achter de entree een lange gang. Links hiervan bevonden zich twee schoollokalen voor de meisjes en een lokaal voor de bewaarschool. Dit is in tegenstelling tot de wens voor twéé lokalen. Rechts van de gang waren aan de straatzijde de spreekkamer, de kamer voor de overste, de recreatiezaal en het refectorium (eetzaal) gesitueerd. Hierachter lagen de keuken en bijkeuken en, niet onbelangrijk, de kapel en sacristie. Naast de kapel bevond zich het trappenhuis. Op de binnenplaats was toegang tot een drietal toiletten voor de zusters en er was een bewaarplaats. De toiletten voor de schooljeugd waren achteraan in de gang. Daarbij waren er voor de onderwijzeressen aparte toiletten. Opvallend detail: per wc-hok konden drie kinderen tegelijk naar het toilet gaan. Waarschijnlijk was dit één lange plank met drie gaten…

 
Vluchtige schets van Cuypers(?) hoe de beerput zou werken. In de beerput kwam de riolering van alle wc’s samen. In die tijd was er nog geen riolering in Amby. Deze beerput moest dus regelmatig worden geleegd.

Op de eerste verdieping vinden we het dortoir oftewel de slaapzaal van de zusters. Hierachter de twee woonvertrekken van de onderwijzeressen met een alkoof (een kleine ruimte om te slapen). Ook is er een logeerkamer voor bezoek.

 
ontwerp eerste verdieping

Cuypers ontwierp niet alleen de gebouwen, maar ook enkele interieurstukken zoals de preekstoel in de kapel die bijzonder rijk gedoceerd was. Voor de school ontwierp hij zelfs gedetaileerd het meubilair. Geld speelde blijkbaar geen rol!

 
“Preekstoel Ambie”.. Duidelijk zichtbaar is het oog voor detail van de architect.
 
Een andere ‘vingeroefening’ van de architect, waarin hij de indeling van de raampartijen schetst.

de Bouw

In augustus 1905 zijn de tekeningen klaar en is men in staat om te starten met de bouw. Vanwege de omvang van het project vindt er een aanbesteding plaats. F.L. (Lei) Soons uit Amby wint deze aanbesteding omdat hij de goedkoopste was. Misschien had hij bewust laag ingeschreven om dit prestigeproject binnen te halen in zijn eigen gemeente. Het zal een hele eer zijn geweest om een gebouw van architect Cuypers te mogen bouwen! In die tijd had de architect ook het toezicht op de aannemer. Waarschijnlijk zal Cuypers regelmatig in Amby zijn gaan kijken hoe de bouw vorderde.

 
Opvallend is dat wordt vermeld dat F. L. Soons te Maastricht gevestigd was. Dat is foutief. Soons, later gespecialiseerd in rolluiken, zat toen al in Amby op de hoek van de Hagenstraat en de huidige Ambyerstraat Noord.

De inzegening wordt groots aangepakt, een processie, traktatie voor de kinderen en veel ‘huldeblijken’. De zusters werden hartelijk ontvangen in het dorp. De stichtingskosten waren 14.489 gulden. Een flink bedrag. Dit werd door het klooster en de kerk zelf betaald, aangevuld met een bijdrage van meneer pastoor. Vanuit het Rijk was er een jaarlijkse subsidie die in 1906 was vastgesteld op iets meer dan 950 gulden. De gemeente subsidieerde de kleuterschool. Echter, deze subsidies waren bedoeld als tegemoetkoming in de personeelskosten en niet om de bouw te bekostigen.

 
Zogenaamd kadastraal veldwerk van het ‘klooster, kerk’ aan de Longinastraat zoals het is ingemeten in maart 1906, vlak voor de oplevering. (de linkerzijde is de straatzijde)



Ruimtegebrek

We lazen al dat er snel ruimtegebrek was. Blijkbaar was er niet bij stil gestaan dat het aantal schoolgaande meisjes wel eens hard kon groeien. Dit had in feite twee redenen: enerzijds simpelweg omdat het aantal huishoudens in Amby groeide, maar ook omdat het steeds normaler werd voor meisjes om naar de lagere school te gaan. De twee leslokalen bleken al snel te klein. Er zaten soms wel rond de 60 kinderen in één klas! In 1921 werd daarom besloten de school te verbouwen. Om de verbouwing te bekostigen werd via het gemeentebestuur een lening van 26.000 gulden afgesloten. Architect Bemelmans uit Meerssen kreeg de eervolle opdracht het tekenwerk en bestek te verzorgen. Daarnaast zat hij in de directie van toezicht op de verbouwingswerkzaamheden.

 
Aankondiging van de aanbesteding in de lokale krant. De aanbesteding vond plaats in het ‘lokaal van den heer L. Mulders, secretaris te Amby’. Hiermee werd café Mulders-Linsen bedoeld.

Gedetailleerd bestek

Bemelmans stelde in april 1921 een bestek op waarin alles tot in de puntjes beschreven staat, van het merk raamklinken tot aan de soort panlat. Voor de geïnteresseerden een erg mooie bron. Omdat dit bestek te groot is om hier te plaatsen is het opvraagbaar bij de redactie van Amiepedia.nl.

 
Het komt niet vaak voor, maar van de verbouwing van school en klooster is het originele bestek bewaard gebleven. Dit pagina’s dikke document levert een gedetailleerde kijk op de verbouwingswerkzaamheden.

Leuke details uit het bestek zijn onder andere de maatregelen die genomen worden tegen geluidsoverlast tussen de eerste verdieping en begane grond. Er wordt ‘taai gemaakte leem’ tussen de draagbalken aangebracht in combinatie met een laag ‘kolenasch’. Tja, piepschuim of andere isolatieplaten waren immers nog niet uitgevonden. Een ander voorbeeld zijn de privaten, die uitgebroken moesten worden om ze te vervangen door witte porseleinen closetpotten met houten randen en deksels. Tot dan toe was het toilet niet meer dan een gat in een plank of stenen bankje. Onvoorstelbaar in onze tijd. Ook de kleuren van het verfwerk werden precies beschreven. Zoals een grijze lambrisering, lichtgroene muren en witte plafonds. Opvallend zijn de bepalingen over de werkomstandigheden. Die gaan ver, maar daar staat tegenover dat er toen ook nog geen CAO was waarin dit was vastgelegd. Er werden o.a. minimumlonen in bepaald, maar ook voldoende schaftketen en banken die dan wel weer op geregelde tijden moeten worden schoongemaakt! Ook de urinoirs en privaten (voor de werklui), die ‘rein’ moeten blijven, staan in het bestek vermeld. Er is bovendien aan een EHBO-set gedacht; er moeten voldoende verbandmiddelen aanwezig zijn op de bouw. Mogelijk dat de zusters, waarvan enkelen de spil uitmaakten van de lokale afdeling van het Groene Kruis, in deze artikelen een flinke vinger in de pap hadden. Een laatste opvallende bepaling is dat er geen sterke drank was toegestaan op het werk. Over bier of andere zwakalcoholische dranken wordt overigens met geen woord gerept…

Wat veranderd werd

 
nogmaals de gedetailleerde schoolmeubels, door de architect ontworpen

Maar wat werd er dan verbouwd? Aan de straatzijde kwam een verdieping erop, voor de zusters ieder een eigen cel en geen gedeelde slaapzaal meer. De eerste verdieping aan de oostzijde, waar tot dan toe de slaapvertrekken waren, werd verbouwd tot klaslokalen, zes in totaal.

 
Links de bestaande situatie voor de verbouwing; het pand zoals het door Cuypers is ontworpen. Rechts de situatie na de verbouwing. In passende stijl werd het gebouw aanzienlijk vergroot.
 
Prachtig gedetailleerde schoolmeubels, door de architect ontworpen


Ook werden er hoge eisen gesteld aan de inrichting, die speciaal werd ontworpen. Er kwam een eigen ingang voor de school aan de achterzijde en een apart lokaal werd ingetekend voor een toekomstige kleuterschool. De ingang aan de straatzijde was nu puur voor het klooster. Op 22 augustus vond de aanbesteding plaats en volgens het bestek moest de oplevering voor 1 oktober plaatsvinden. Dat betekende effectief een periode van een maand. Dat was wel erg kort voor een verbouwing van deze omvang!










 
Groepsfoto van de zusters Franciscanessen van het H. Hart Jezus. De foto is voor het pand genomen bij het 25-jarig jubileumfeest van de zusters in 1931.
                                            In het vervolgverhaal over de school, zal verder ingegaan worden op de zusters en hun school.

Trivia

Ontstaan van de Longinastraat (tot WO II) - Amiepedia

Zuster Longina - Amiepedia

Achtergrondinformatie over Pierre Cuypers

Achtergrondinformatie over de Kulturkampf